Huidige tekst
Artikel 5 Regeling voorschotverlening op uitkeringen en vergoedingen AWBZ 2013
De voorlopige vaststelling en uitkering van de vergoeding van kosten van verstrekkingen en vergoedingen 1 Uiterlijk op de eerste werkdag in oktober van het jaar t+1 stelt het college de vergoeding voor de kosten van verstrekkingen en vergoedingen voorlopig vast. 2 Voor de toepassing van het eerste lid gaat het college voor de kosten van verstrekkingen en vergoedingen ingevolge de AWBZ voor de zorgverzekeraar uit van de som van: a.het saldo van de kosten van rechtstreeks met het AFBZ te verrekenen kosten en opbrengsten van zorgaanspraken die de zorgverzekeraar aan het college voor het jaar t opgeeft; b.de door de zorgverzekeraar over het jaar t opgegeven rentebaten. 3 Voor de toepassing van het eerste lid gaat het college voor de kosten van verstrekkingen en vergoedingen ingevolge de AWBZ voor de verbindingskantoren uit van de som van: a.het saldo van de kosten van rechtstreeks met het AFBZ te verrekenen kosten en opbrengsten van zorgaanspraken die het verbindingskantoor aan het college voor het jaar t opgeeft; b.de opbrengsten van eigen bijdragen in het kader van de bijzondere ziektekostenverzekering. 4 Het college keert de voorlopig vastgestelde vergoeding voor de kosten van verstrekkingen en vergoedingen, bedoeld in artikel 4.2 Besluit Wfsv, uit onder verrekening van de in jaar t verstrekte voorschotten, bedoeld in artikel 4.