Huidige tekst
Artikel 1a.4 Regeling Tijdelijke wet Groningen
- 1
Een bijzondere situatie kan bij het Instituut worden aangedragen door: a.een burgemeester van een gemeente in het gebied waar het Instituut het bewijsvermoeden, bedoeld in artikel 177a van Boek 6 van het Burgerlijk Wetboek, toepast en waarin de benadeelde woonachtig is; b.de Nationale ombudsman, bedoeld in artikel 2 van de Wet Nationale ombudsman; of c.regionale zorg- en hulpverleners.
- 2
Een vastgelopen situatie kan bij het Instituut worden aangedragen door: a.een burgemeester van een gemeente, als bedoeld in het eerste lid, onderdeel a; b.de Minister; of c.het Instituut.