Huidige tekst
Artikel 5:1 Regeling tachografen
Steekproefsgewijze controle 1 De Dienst Wegverkeer kan werkzaamheden aan een steekproefsgewijze controle onderwerpen. 2 De steekproefsgewijze controle vangt aan op het moment dat de Dienst Wegverkeer de erkenninghouder en de tachograaftechnicus meedeelt dat deze controle gaat plaatsvinden. 3 Na aanvang van de steekproefsgewijze controle worden aan of in het voertuig of de tachograaf waarop de controle ziet, gedurende 90 minuten geen handelingen verricht. 4 Voorafgaande aan de steekproefsgewijze controle overhandigt de erkenninghouder of tachograaftechnicus de aan de werkzaamheden gerelateerde documenten en het installatieplaatje aan de Dienst Wegverkeer. 5 Tijdens de steekproefsgewijze controle: a.blijft de tachograaftechnicus die werkzaamheden aan de tachograaf verrichtte, aanwezig in de werkplaats vanaf het moment nadat de mededeling, bedoeld in het tweede lid is gedaan; b.verleent de tachograaftechnicus assistentie bij het uitvoeren van de steekproefsgewijze controle; c.worden de noodzakelijke werkplaatsruimte, apparatuur en documentatie, en het voertuig waaraan werkzaamheden worden verricht gedurende de steekproefsgewijze controle beschikbaar gesteld; d.worden aanwijzingen van de medewerker van de Dienst Wegverkeer opgevolgd. 6 De erkenninghouder ontvangt na de steekproefsgewijze controle slechts een door een medewerker van de Dienst Wegvervoer getekend steekproefcontrolerapport indien: a.de tachograaf niet voldoet aan de werkzaamheden zoals verwoord in de hoofdstukken 2 en 3; b.de registerkaart niet, onjuist of onvolledig is ingevuld; of c.de voorschriften met betrekking tot de steekproef niet in acht zijn genomen. 7 Het rapport, bedoeld in het zesde lid, wordt ook getekend door de tachograaftechnicus of erkenninghouder.