Regeling spoorverkeer

Huidige tekst

Artikel 32 Regeling spoorverkeer

Geldt sinds 4 oktober 2023

  1. 1

    De trein stopt zodra in een hoofdsein, met uitzondering van een P-sein, gedoofd of onjuist licht wordt waargenomen en: a.er geen toestemming is om een stoptonend sein te passeren; b.het voorafgaande sein lichtsein nummer 212 a/b, zoals opgenomen in bijlage 4, dat geel licht uitstraalde, was; c.het voorafgaande lichtsein een gedoofd sein was; d.het voorafgaande sein baken nummer 249a, zoals opgenomen in bijlage 4, was; of e.het voorafgaande sein lichtsein nummer 214, zoals opgenomen in bijlage 4, dat geel licht uitstraalde, of bord nummer 317, zoals opgenomen in bijlage 4, was. In andere dan de onder a tot en met e genoemde gevallen wordt de snelheid begrensd tot 40 kilometer per uur, of de ter plaatse geldende lagere snelheid, om op elke plaats achter dit sein waar een belemmering voor het verder rijden aanwezig is te kunnen stoppen.

  2. 2

    Zodra in een P-sein gedoofd of onjuist licht wordt waargenomen, wordt de snelheid begrensd tot 40 kilometer per uur om op elke plaats achter dit sein waar een belemmering voor het verder rijden aanwezig is te kunnen stoppen.

  3. 3

    Indien in een voorsein gedoofd of onjuist licht wordt waargenomen, wordt gehandeld alsof dit sein overeenkomstig voorsein nummer 219 a/b, zoals opgenomen in bijlage 4, geel licht uitstraalt.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:RBMNE:2017:172Rechtbank Midden-Nederland, 18 januari 2017 (civiel recht)

    DB Schenker aansprakelijk voor treinongeluk bij Barendrecht in 2009 Op 24 september 2009 heeft een treinongeluk plaatsgevonden op het spoorbaanvak Rotterdam-Dordrecht ter hoogte van Barendrecht. Dit…

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.