Regeling politiehonden

Huidige tekst

Artikel 12 Regeling politiehonden

Geldt sinds 18 maart 2017

Keuringsvoorschriften AOT-hond 1 Aan een keuring van een combinatie van een geleider en een AOT-hond kunnen deelnemen ambtenaren van politie die sedert tenminste twee jaar behoren tot een aanhoudings- en ondersteuningsteam en die zijn aangewezen als geleider. 2 De keuring van een combinatie van geleider en AOT-hond geschiedt door de keuringscommissie voor de AOT-hond op basis van het keuringsreglement voor de AOT-hond. 3 Het keuringsreglement voor de AOT-hond bevat ten minste de volgende eisen: a.volgzaamheid en gehoorzaamheid van de AOT-hond aan de geleider; b.het kunnen participeren in procedures temidden van de leden van het aanhoudings- en ondersteuningsteam; c.het onder bepaalde omstandigheden, op een bepaalde afstand, niet hoorbaar zijn; d.de vaardigheid van de AOT-hond in het kunnen nemen van alle hindernissen die voor een goed functioneren in de praktijk noodzakelijk zijn; en e.het vermogen van de AOT-hond om op commando van de geleider geweld tegen derden toe te passen respectievelijk te beëindigen. 4 De AOT-hond wordt gedurende de keuring geleid door zijn geleider. 5 Indien de keuring niet met goed gevolg wordt afgelegd, bestaat de mogelijkheid van maximaal twee herkansingen.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Er zijn nog geen uitspraken aan dit artikel gekoppeld.

Zoek op deze artikelverwijzing

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.