Regeling normering topinkomens OCW-sectoren

Huidige tekst

Artikel 3 Regeling normering topinkomens OCW-sectoren

Geldt sinds 1 januari 2026

Bezoldigingsmaximum per klasse voor topfunctionarissen van onderwijsinstellingen 1 In afwijking van artikel 2.3, eerste lid, van de wet komen partijen geen bezoldiging overeen die per kalenderjaar meer bedraagt dan het van toepassing zijnde bezoldigingsmaximum voor dat jaar. 2 Voor een rechtspersoon of instelling geldt het bezoldigingsmaximum behorende bij het aantal complexiteitspunten dat op basis van de criteria, genoemd in de bijlage bij deze regeling, is berekend. 3 Voor universiteiten, zoals bedoeld in de bijlage behorende bij de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek, onder a, b, h en i, geldt het aantal complexiteitspunten van 9 als minimumaantal. 4 Per klasse geldt het volgende bezoldigingsmaximum: Klasse Bezoldigingsmaximum A (4 complexiteitspunten) € 156.000 B (5 – 6 complexiteitspunten) € 175.000 C (7 – 8 complexiteitspunten) € 187.000 D (9 – 12 complexiteitspunten) € 204.000 E (13 – 15 complexiteitspunten) € 222.000 F (16 – 17 complexiteitspunten) € 238.000 G (18 – 20 complexiteitspunten) Het bedrag, bedoeld in artikel 2.3, eerste lid, van de wet.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Er zijn nog geen uitspraken aan dit artikel gekoppeld.

Zoek op deze artikelverwijzing

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.