Regeling minimum VFR-vlieghoogten en VFR-vluchten buiten de daglichtperiode voor militaire vliegtuigen en helikopters

Huidige tekst

Artikel 13 Regeling minimum VFR-vlieghoogten en VFR-vluchten buiten de daglichtperiode voor militaire vliegtuigen en helikopters

Geldt sinds 1 augustus 2014

Vliegen binnen de laagvlieggebieden of -route voor militaire helikopters met gebruik van nachtzichtapparatuur Voor vluchten met militaire helikopters waarbij gebruik wordt gemaakt van nachtzichtapparatuur, mag alleen van de gebieden of route, bedoeld in artikel 9, eerste lid, gebruik worden gemaakt, indien aan de volgende voorwaarden is voldaan: a.de vluchten worden met ontstoken navigatielichten uitgevoerd; indien de intensiteit van de navigatielichten de taakuitvoering van de vlieger nadelig beïnvloedt, is het toegestaan de navigatielichten te dimmen of te doven; b.indien mogelijk wordt radiocontact onderhouden met het AOCS NM; c.er wordt te allen tijde voor ander luchtverkeer uitgeweken.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Er zijn nog geen uitspraken aan dit artikel gekoppeld.

Zoek op deze artikelverwijzing

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.