Regeling mandaat, volmacht en machtiging BZ 2021

Huidige tekst

Artikel 4 Regeling mandaat, volmacht en machtiging BZ 2021

Geldt sinds 1 mei 2021

Algemene volmacht en machtiging directeuren-generaal, directeuren en chefs de poste 1 De secretaris-generaal verleent aan de directeuren-generaal, de directeuren en de chefs de poste volmacht en machtiging tot het verrichten van rechtshandelingen, respectievelijk tot het verrichten van handelingen die noch een besluit noch een privaatrechtelijke rechtshandeling zijn, op het aan de desbetreffende functionarissen toegewezen werkterrein en conform hun goedgekeurde jaarplan en budget. 2 De machtiging, bedoeld in het eerste lid, omvat in ieder geval het vaststellen en ondertekenen van stukken die betrekking hebben op de behandeling van klachten als bedoeld in artikel 9:1 van de Algemene wet bestuursrecht over gedragingen van onder hen ressorterende functionarissen. 3 De functionarissen, genoemd in het eerste lid, leggen in de competentietabel die onderdeel uitmaakt van de administratieve organisatie, vast welke functionarissen bevoegd zijn tot het verrichten van privaatrechtelijke rechtshandelingen op het aan deze functionarissen toegewezen werkterrein en tot welk bedrag, alsmede welke functionarissen bevoegd zijn tot het verrichten van handelingen op het aan deze functionarissen toegewezen werkterrein die noch een besluit noch een privaatrechtelijke rechtshandeling zijn.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Er zijn nog geen uitspraken aan dit artikel gekoppeld.

Zoek op deze artikelverwijzing

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.