Huidige tekst
Artikel 15 Regeling geluidniveaus aan boord van vissersvaartuigen
- 1
Tijdens het meten is de toestand van de omgeving zodanig dat: a.de meteorologische omstandigheden, zoals wind en regen, alsmede de gesteldheid van de zee, geen invloed hebben op de metingen; b.geluid afkomstig van buiten het vissersvaartuig gelegen geluidbronnen, op de meetplaatsen geen invloed heeft op het geluidniveau-A aan boord van het vissersvaartuig. Met betrekking tot constant achtergrondlawaai mogen de afgelezen waarden worden gecorrigeerd volgens het principe van het sommeren van geluidintensiteiten.
- 2
De waterdiepte onder de kiel van het vissersvaartuig en de aanwezigheid van grote reflecterende oppervlakken in de nabijheid van het vissersvaartuig, worden vermeld in het onderzoeksrapport, bedoeld in artikel 11.