Huidige tekst
Artikel 4.5.8 Regeling bemanning zeeschepen
Aantal personen per slaapverblijf 1 Met inachtneming van het tweede lid, is een slaapverblijf ten hoogste bestemd voor het hieronder vermelde aantal vissers: a.een slaapverblijf voor officieren: 1°. op een vissersvaartuig met een lengte van 60 meter en meer: één visser; 2°. op een vissersvaartuig met een lengte van minder dan 60 meter: twee vissers; b.een slaapverblijf voor gezellen: 1°. op een vissersvaartuig met een lengte van 60 meter en meer: twee vissers; 2°. op een vissersvaartuig met een lengte van 35 tot 60 meter: vier vissers; 3°. op een vissersvaartuig met een lengte van minder dan 35 meter: zes vissers. 2 Op een vissersvaartuig met een lengte van minder dan 35 meter kan het slaapverblijf voor officieren en dat voor gezellen worden gecombineerd tot één verblijf voor ten hoogste zes vissers. 3 Op een vissersvaartuig met een lengte van 35 meter en meer zijn voor het dekpersoneel, het machinekamerpersoneel en het personeel voor de civiele dienst afzonderlijke slaapverblijven beschikbaar. 4 Voor zover dit praktisch uitvoerbaar is, zijn de slaapverblijven van wachtdoende vissers gescheiden van niet wachtdoende of vrije vissers. 5 Het maximumaantal personen dat in een slaapverblijf kan worden ondergebracht, is duidelijk leesbaar en onuitwisbaar vermeld op een duidelijk zichtbare plaats in de slaapruimte.