Huidige tekst
Artikel 3 Regeling alarmeringsdienst NL-Alert 2023
- 1
Zodra de aanbieder, met tussenkomst van de broker, een opdracht ontvangt om een NL-Alert uit te zenden, distribueert deze aanbieder het NL-Alert onverwijld en ongewijzigd, voor zover in dat gebied via zijn netwerk mobiele elektronische communicatiediensten worden aangeboden.
- 2
In aanvulling op het eerste lid benadert de aanbieder het uitzendgebied zo goed mogelijk, gegeven de hierin en hierbuiten aanwezige cellen.
- 3
De aanbieder distribueert een NL-Alert via cell-broadcast kanalen 4371 en 919, met dien verstande dat distributie op kanaal 919 slechts via 2G en 3G netwerken plaats hoeft te vinden.
- 4
Een NL-Alert wordt door de aanbieder parallel gedistribueerd via al zijn huidige en toekomstige netwerkonderdelen die cell broadcasttechnologie kunnen ondersteunen en met gebruikmaking van alle voor het uitzendgebied benodigde cellen.
- 5
De aanbieder reserveert de cell broadcast kanalen in de reeks van 4352 tot en met 6400 voor toekomstig door de Minister aan te geven gebruik.
- 6
De aanbieder voorziet op al zijn netwerken een NL-Alert van hetzelfde unieke identificatienummer om de herhaalde weergave van een NL-Alert op een eindapparaat te voorkomen.
- 7
De aanbieder beveiligt het uitzenden van NL-Alerts zodanig dat het uitsluitend via de broker mogelijk is een NL-Alert bericht uit te zenden.
- 8
Ten behoeve van geofencing distribueert de aanbieder het uitzendgebied als onderdeel van het NL-Alert en stuurt tevens een geofencing trigger bericht via cell broadcast kanaal 4400.
- 9
De verplichting, bedoeld in het achtste lid, geldt niet voor 2G en 3G netwerken.