Protocol nopens de verkeerstekens

Huidige tekst

Artikel 52 Protocol nopens de verkeerstekens

Geldt sinds 22 oktober 1964

  1. 1

    De door de verkeersagenten te geven tekens stemmen overeen met een der twee volgende stelsels. Eerste stelsel Teken A — stopteken voor voertuigen, welke de verkeersagent van voren naderen: omhoog gestrekte arm met de handpalm naar voren gekeerd. Teken C — stopteken voor voertuigen, welke de verkeersagent van achteren naderen: een arm zijwaarts gestrekt naar de kant van de rijbaan, waarlangs het betrokken verkeer nadert, met de handpalm naar voren gekeerd. De tekens A en C mogen gelijktijdig worden gebruikt. Tweede stelsel Teken B — stop teken voor voertuigen, welke de verkeersagent van voren naderen: een arm zijwaarts gestrekt naar de kant van de rijbaan, waarlangs het betrokken verkeer nadert, met de handpalm naar voren gekeerd. Teken C — stopteken voor voertuigen, welke de verkeersagent van achteren naderen: een arm zijwaarts gestrekt naar de kant van de rijbaan, waarlangs het betrokken verkeer nadert, met de handpalm naar voren gekeerd. De tekens B en C mogen gelijktijdig worden gebruikt.

  2. 2

    Bij beide stelsels mag een wenkend gebaar met de hand worden gemaakt om voertuigen te doen voortgaan.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Er zijn nog geen uitspraken aan dit artikel gekoppeld.

Zoek op deze artikelverwijzing

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.