Overgangswet

OWVO

Huidige tekst

Artikel 54 OWVO

Geldt sinds 26 januari 1838

  1. 1

    De burgerlijke twistgedingen, op het oogenblik der instelling van de hoven en regtbanken aanhangig bij de afgeschafte hoven, regtbanken en vredegeregten, zullen door middel van eene enkele akte aan den persoon of ter zijner woonstede beteekend, worden overgebragt bij de regters, welke volgens de wet op de regterlijke organisatie en het beleid der justitie bevoegd zijn daarvan kennis te nemen om op de laatste dingtalen te worden voortgezet.

  2. 2

    Niettemin zullen de zaken, welke bij de regtbanken van eersten aanleg of van Koophandel aanhangig zijn en volgens de aangehaalde wet tot de bevoegdheid van den kantons-regter zouden behooren, door de arrondissements-regtbanken worden beslist.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2021:1039Parket bij de Hoge Raad, 5 november 2021 (civiel recht)

    Rechtspersonenrecht. Is het Maagdenhuis een kerkelijke rechtspersoon (zelfstandig onderdeel in de zin van art. 2:2 lid 1 BW) of een burgerlijke rechtspersoon (stichting)?

  • ECLI:NL:GHAMS:2020:1834Gerechtshof Amsterdam, 30 juni 2020 (civiel recht)

    Rechtspersoon is zelfstandig onderdeel van R.K. Kerkgenootschap (art. 2:2 BW); analoge toepassing van art. 7:904 lid 1 BW ten aanzien van beslissingen in kerkelijke procedure Zie…

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.