Overeenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en Colombia tot regeling der voorwaarden, waarop de consulaire ambtenaren van Colombia in de voornaamste havens der Nederlandse overzeese bezittingen zullen worden toegelaten

Huidige tekst

Artikel 6 Overeenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en Colombia tot regeling der voorwaarden, waarop de consulaire ambtenaren van Colombia in de voornaamste havens der Nederlandse overzeese bezittingen zullen worden toegelaten

Geldt sinds 18 september 1883

De consuls-generaal, consuls, vice-consuls en consulaire agenten zijn met geenerlei diplomatieke waardigheid bekleed. Indien eene aanvrage aan de Nederlandsche Regeering moet worden gedaan, geschiedt zulks door tusschenkomst van den diplomatieken agent, te 's Gravenhage gevestigd. Bij ontstentenis van dezen en in spoedvereischende gevallen kan de consul-generaal, consul of vice-consul zelf de aanvrage doen aan den Gouverneur der kolonie, daarbij het dringende der zaak aantoonende en de redenen opgevende waarom de aanvrage niet aan de ondergeschikte overheden kon worden gedaan, of bewijzende dat de vooraf aan deze overheden gedane aanvragen zonder gevolg zijn gebleven.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Er zijn nog geen uitspraken aan dit artikel gekoppeld.

Zoek op deze artikelverwijzing

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.