Overeenkomst tussen de Bondsregering van de Republiek Oostenrijk, enerzijds, en de Regeringen van het Koninkrijk België, het Groothertogdom Luxemburg en het Koninkrijk der Nederlanden, anderzijds, betreffende het verblijf van vluchtelingen als bedoeld in het Verdrag betreffende de status van vluchte

Huidige tekst

Artikel 5 Overeenkomst tussen de Bondsregering van de Republiek Oostenrijk, enerzijds, en de Regeringen van het Koninkrijk België, het Groothertogdom Luxemburg en het Koninkrijk der Nederlanden, anderzijds, betreffende het verblijf van vluchtelingen als bedoeld in het Verdrag betreffende de status van vluchte

Geldt sinds 1 april 1965

Indien de autoriteiten van een Overeenkomstsluitende Staat in een uitzonderingsgeval overeenkomstig lid 13, alinea 3 van de Bijlage van het Verdrag van Genève van 28 juli 1951 het recht tot terugkeer in het reisdocument hebben beperkt, is de verplichting tot het verstrekken van een nieuw reisdocument door de autoriteiten van een andere Overeenkomstsluitende Staat, zomede het moment van aanvang van de termijn van zes maanden voor het indienen van een verzoek om de vluchteling opnieuw toe te laten, niet afhankelijk van de geldigheidsduur van het reisdocument, doch van de geldigheidsduur van het daarin aangetekende recht tot terugkeer.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Er zijn nog geen uitspraken aan dit artikel gekoppeld.

Zoek op deze artikelverwijzing

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.