Overeenkomst inzake gecentraliseerde vrijmaking, betreffende de toewijzing van de nationale inningskosten die worden ingehouden wanneer de traditionele eigen middelen ter beschikking van de EU-begroting worden gesteld

Huidige tekst

Artikel 7 Overeenkomst inzake gecentraliseerde vrijmaking, betreffende de toewijzing van de nationale inningskosten die worden ingehouden wanneer de traditionele eigen middelen ter beschikking van de EU-begroting worden gesteld

Geldt sinds 10 maart 2009

  1. 1

    De secretaris-generaal van de Raad van de Europese Unie treedt op in de hoedanigheid van depositaris van deze overeenkomst.

  2. 2

    De lidstaten van de Europese Unie kunnen bij deze overeenkomst partij worden door het neerleggen bij de secretaris-generaal van de Raad van de Europese Unie van een akte van bekrachtiging, aanvaarding, goedkeuring of toetreding, zodra de interne procedures voor de aanneming van deze overeenkomst zijn voltooid.

  3. 3

    Deze overeenkomst treedt in werking negentig dagen nadat de laatste ondertekenende lidstaat heeft verklaard alle interne procedures voor de aanneming ervan te hebben voltooid. Tot de inwerkingtreding kan elke lidstaat die deze procedures heeft voltooid echter verklaren dat hij, ten aanzien van de lidstaten die dezelfde verklaring hebben afgelegd, de overeenkomst zal toepassen met betrekking tot de onder de overeenkomst vallende bepalingen.

  4. 4

    Alle administratieve regelingen tussen de lidstaten betreffende de herverdeling van inningskosten in de in deze overeenkomst bedoelde gevallen, worden vervangen door de bepalingen van deze overeenkomst met ingang van de datum waarop zij tussen de betrokken lidstaten van toepassing wordt.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Er zijn nog geen uitspraken aan dit artikel gekoppeld.

Zoek op deze artikelverwijzing

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.