Huidige tekst
Artikel 5 Overeenkomst inzake de administratieve en strafrechtelijke samenwerking op het gebied van de regelingen die verband houden met de verwezenlijking van de doelstellingen van de Benelux Economische Unie
- 1
Voor de uitoefening van hun taak beschikken de met de controle belaste ambtenaren tenminste over de navolgende bevoegdheden: a) aanhouding van alle vervoermiddelen met recht van toegang tot de voertuigen en verplichting voor de bestuurder de stukken over te leggen aan de hand waarvan de naleving der in artikel 3 bedoelde bepalingen kan worden gecontroleerd; b) controle van de identiteit van de bestuurder en die van de vervoerder en verificatie van de lading van het vervoermiddel; c) toegang tot alle voor de bedrijfsuitoefening der vervoerders, tussenpersonen en opdrachtgevers bestemde bedrijfsruimten, terreinen en vervoermiddelen, teneinde de in dit artikel bedoelde verificaties te verrichten; d) verificatie van de boeken en andere beroepsbescheiden van de vervoerders, tussenpersonen en opdrachtgevers alsmede het nemen van afschrift van of uittreksels uit deze boeken en bescheiden; e) het eisen van nadere uitleg aangaande de boeken en verdere beroepsbescheiden van de vervoerders, tussenpersonen en hun opdrachtgevers alsmede aangaande de naleving der in artikel 3 bedoelde bepalingen.
- 2
De bevoegdheden, voorzien onder c), d) en e) kunnen ten aanzien van opdrachtgevers slechts worden uitgeoefend in geval van vermoeden van overtreding.