Huidige tekst
Artikel 7.23 Or
Module: lozen van afvalwater
Bij een aanvraag om een omgevingsvergunning voor het lozen van afvalwater op een oppervlaktewaterlichaam of een zuiveringtechnisch werk, bedoeld in hoofdstuk 3 van het Besluit activiteiten leefomgeving, worden de volgende gegevens en bescheiden verstrekt: a.het maximale debiet in kubieke meters per uur van het te lozen afvalwater; b.de regelmaat waarmee lozingen plaatsvinden; c.een aanduiding of de lozing continu of niet-continu plaatsvindt; d.een lijst met stoffen die worden geloosd; e.een riooltekening; f.de locaties van de lozingspunten; g.de verwachte datum en het verwachte tijdstip van het begin van het lozen en de verwachte duur ervan; h.een beschrijving van de maatregelen of voorzieningen die worden getroffen om de lozingen te voorkomen of te beperken; i.een onderbouwing van de noodzaak om te lozen; j.de samenstelling van het afvalwater dat wordt geloosd; k.de bron of oorzaak van het afvalwater dat wordt geloosd; l.de resultaten van de bepaling van de waterbezwaarlijkheid van de stoffen die worden geloosd, verricht volgens de Algemene BeoordelingsMethodiek, bedoeld in bijlage XVIII bij het Besluit kwaliteit leefomgeving; m.de resultaten van de immissietoets voor de te lozen stoffen, verricht volgens het Handboek Immissietoets; n.een beschrijving van de wijze waarop de lozing wordt vastgesteld en geregistreerd en de wijze waarop over de lozing wordt gerapporteerd; o.als een andere lozingsroute dan naar het oppervlaktewater niet mogelijk is: de redenen waarom dat het geval is; p.de eigenschappen van de opgeslagen stoffen; en q.als de drempelwaarden van bijlage 2 bij het rapport Integrale aanpak van risico’s van onvoorziene lozingen worden overschreden: de resultaten van een milieurisicoanalyse.