Nederlandsch-Duitsch Arbitrage- en Verzoeningsverdrag

Huidige tekst

Artikel 12 Nederlandsch-Duitsch Arbitrage- en Verzoeningsverdrag

Geldt sinds 31 januari 1952

Alle geschillen, die niet volgens de voorafgaande artikelen van dit Verdrag aan de arbitrage-procedure onderworpen worden, en die niet met toestemming van beide Partijen op andere wijze vreedzaam geregeld worden, zullen op verlangen van één der Partijen volgens de verzoeningsprocedure moeten worden behandeld. Beweert de andere Partij, dat het geschil, hetwelk aan de verzoeningsprocedure onderworpen is, behandeld moet worden door het Internationaal Gerechtshof, het Scheidsgerecht of in een bijzondere procedure volgens artikel 1, alinea 2, moet worden beslist, dan beslist over deze voorafgaande vraag het orgaan, welks bevoegdheid wordt beweerd. De Regeeringen der Verdragsluitende Partijen kunnen in gemeen overleg een geschil, dat volgens dit Verdrag aan het Internationaal Gerechtshof of aan een Scheidsgerecht onderworpen kan worden, definitief of onder voorbehoud van latere onderwerping aan het Internationaal Gerechtshof of aan een Scheidsgerecht, aan de verzoeningsprocedure onderwerpen.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Er zijn nog geen uitspraken aan dit artikel gekoppeld.

Zoek op deze artikelverwijzing

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.