Natuurschoonwet 1928

NSW

Huidige tekst

Artikel 2 NSW

Geldt sinds 22 december 2009

  1. 1

    De eigenaar die zijn onroerende zaak wenst aangemerkt te zien als een landgoed, doet aan Onze Ministers een daartoe strekkend verzoek dat wordt ingediend bij Onze Minister.

  2. 2

    Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden regels gesteld met betrekking tot: a.de wijze van indiening van een verzoek als bedoeld in het eerste lid en de besluitvorming daarover, en b.de omstandigheden waaronder een verzoek uitsluitend kan worden ingediend in samenhang met eenzelfde verzoek dat door de eigenaar van een aangrenzende onroerende zaak wordt ingediend.

  3. 3

    Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur wordt bepaald welke bescheiden, naast een beschrijving van de karakteristieke verschijningsvorm van de onroerende zaak alsmede uittreksels uit de basisregistratie kadaster, bij het verzoek moeten worden overgelegd en worden regels gesteld betreffende de inhoud van die beschrijving en van die andere bescheiden.

  4. 4

    Onze Ministers beslissen op het verzoek bij gezamenlijke beschikking.

  5. 5

    Indien aan het verzoek wordt voldaan, wordt de onroerende zaak als een landgoed aangemerkt met ingang van het tijdstip waarop het verzoek bij Onze Minister is ingekomen.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2009:BI1183Parket bij de Hoge Raad, 27 november 2009 (belastingrecht)

    Voorwaardelijke invorderingsvrijstelling van art. 7, lid 1, Natuurschoonwet niet van toepassing op verkrijging onderbedelingsvordering die verband houdt met NSW-landgoed.

  • ECLI:NL:HR:2003:AF5363Hoge Raad, 7 maart 2003 (belastingrecht)

    -

  • ECLI:NL:RBNNE:2026:138Rechtbank Noord-Nederland, 22 januari 2026 (belastingrecht)

    WOZ/OZB. NSW-uitzondering en bestemmingswaarde zijn van toepassing. De rechter is niet gebonden aan de NSW-beschikking voor de beantwoording van de vraag of is voldaan aan de voorwaarden van artikel…

  • ECLI:NL:RBZWB:2021:2965Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 15 juni 2021 (belastingrecht)

    voor deze uitspraak is geen samenvatting gemaakt

  • ECLI:NL:RBDHA:2019:13401Rechtbank Den Haag, 10 december 2019 (bestuursrecht)

    Verweerder heeft het bezwaar ten onrechte niet-ontvankelijk verklaard. Eiser had een rechtstreeks belang bij het primaire besluit. Beroep gegrond.

  • ECLI:NL:RBGEL:2014:3666Rechtbank Gelderland, 18 februari 2014 (belastingrecht)

    Op verzoek gepubliceerd, geen samenvatting.

  • ECLI:NL:RVS:2012:BY2512Raad van State, 7 november 2012 (bestuursrecht)

    Bij besluit van 23 juni 2009 hebben de ministers het verzoek van [appellant] om rangschikking onder de Natuurschoonwet 1928 (hierna: de Nsw) van het landgoed "De Witte Brug", afgewezen.

  • ECLI:NL:RVS:2012:BW1539Raad van State, 2 april 2012 (bestuursrecht)

    Bij besluit van 6 oktober 2009 heeft de minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit, mede namens de staatssecretaris van Financiën, een verzoek van [verzoekster] om de haar in eigendom…

13 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.