Multilaterale Overeenkomst tussen de Europese Gemeenschap en haar lidstaten, de Republiek Albanië, Bosnië en Herzegovina, de Republiek Bulgarije, de Republiek Kroatië, de Republiek IJsland, de Republiek Montenegro, de voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië, het Koninkrijk Noorwegen, de Republ

ECAA

Huidige tekst

Artikel 15 ECAA

Geldt sinds 9 juni 2006

  1. 1

    Onverminderd de leden 2 en 3, zorgt iedere overeenkomstsluitende partij ervoor dat bij de nationale rechter een beroep kan worden gedaan op de uit deze Overeenkomst voortvloeiende rechten, met name die welke voortvloeien uit de in bijlage I vermelde besluiten.

  2. 2

    In gevallen die van invloed kunnen zijn op feitelijke of potentiële luchtdiensten waarvoor in het kader van deze Overeenkomst een vergunning moet worden verleend, bezitten de instellingen van de Europese Gemeenschap de bevoegdheden die hun specifiek zijn verleend bij de bepalingen van de besluiten waarnaar wordt verwezen of die zijn opgenomen in bijlage I.

  3. 3

    Alle vragen met betrekking tot de wettigheid van besluiten die door de instellingen van de Europese Gemeenschap worden genomen op grond van deze Overeenkomst, met name op grond van de in bijlage I genoemde besluiten, vallen onder de exclusieve bevoegdheid van het Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen (hierna: „het Hof van Justitie’’).

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Er zijn nog geen uitspraken aan dit artikel gekoppeld.

Zoek op deze artikelverwijzing

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.