Kostuum- en titulatuurbesluit rechterlijke organisatie

Huidige tekst

Artikel 2 Kostuum- en titulatuurbesluit rechterlijke organisatie

Geldt sinds 1 januari 2013

  1. 1

    De in artikel 1 genoemde rechterlijke ambtenaren, en degenen die door het bestuur zijn aangewezen of benoemd voor het verrichten van griffierswerkzaamheden en de waarnemend griffiers bij de Hoge Raad zijn gekleed in het voor hun ambt voorgeschreven kostuum, bestaande uit een toga en een bef en, met inachtneming van de volgende artikelen, een baret, wanneer zij binnen een gebouw, dat als gerechtsgebouw dienst doet, in de uitoefening van hun ambt aanwezig zijn op een terechtzitting of wanneer zij in een gebouw als vorenbedoeld anders dan ter terechtzitting een ambtsverrichting vervullen, waarbij het dragen van het kostuum gepast is.

  2. 2

    Het eerste lid is niet van toepassing op de procureurs-generaal die het College van procureurs-generaal vormen.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2020:1050Parket bij de Hoge Raad, 10 november 2020 (strafrecht)

    Vordering van de PG tot cassatie in het belang der wet. Betreft een met de Tijdelijke wet COVID-19 Justitie en veiligheid in verband staande afwijking van vormvereisten voor terechtzittingen. In een…

  • ECLI:NL:RBZWB:2023:9489Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 18 december 2023 (burgerlijk procesrecht)

    Wraking, kennelijk ongegrond.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.