Kaderwet EZK- en LNV-subsidies

Huidige tekst

Artikel 3 Kaderwet EZK- en LNV-subsidies

Geldt sinds 1 september 2025

  1. 1

    Onverminderd hoofdstuk 3 van de Financiële-verhoudingswet kunnen bij of krachtens algemene maatregel van bestuur of bij regeling van Onze Minister de activiteiten waarvoor subsidie kan worden verstrekt, nader worden bepaald alsmede andere criteria voor die verstrekking worden vastgesteld.

  2. 2

    Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur of bij regeling van Onze Minister kunnen voorts regels worden vastgesteld met betrekking tot: a.het bedrag van de subsidie dan wel de wijze waarop dit bedrag wordt bepaald; b.de aanvraag om subsidie en de besluitvorming daarover; c.de voorwaarden waaronder de subsidie wordt verleend; d.de verplichtingen voor de subsidie-ontvanger; e.de vaststelling van de subsidie, waaronder mede begrepen de aanvraag tot subsidievaststelling en de besluitvorming daarover; f.intrekking en wijziging van de subsidieverlening of -vaststelling; g.de betaling van de subsidie en het verlenen van voorschotten; h.het verslag over de doeltreffendheid en de effecten van de subsidie in de praktijk, bedoeld in artikel 4:24 van de Algemene wet bestuursrecht.

  3. 3

    Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur of bij regeling van Onze Minister kan voorts worden bepaald dat: a.het verstrekken van gegevens, waaronder mede begrepen de wijze van indiening van een aanvraag om subsidie en een aanvraag tot subsidievaststelling als bedoeld in het tweede lid, onderdelen b respectievelijk e, uitsluitend langs elektronische weg kan geschieden; en b.Onze Minister ontheffing kan verlenen van het bepaalde op grond van onderdeel a, waarbij aan de ontheffing voorschriften kunnen worden verbonden.

  4. 4

    Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur of een ministeriële regeling als bedoeld in het eerste lid wordt voorzien in de vaststelling van een subsidieplafond en de regeling van de wijze van verdeling ervan, tenzij Onze Minister van Financiën heeft ingestemd met het achterwege laten daarvan.

  5. 5

    In afwijking van artikel 4:21, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht is titel 4.2 van die wet van toepassing op subsidies die worden verstrekt op grond van een algemene maatregel van bestuur of ministeriële regeling als bedoeld in het eerste lid, die uitsluitend voorziet in verstrekking aan rechtspersonen die krachtens publiekrecht zijn ingesteld.

  6. 6

    Onze Minister kan de uitvoering van een algemene maatregel van bestuur of een ministeriële regeling als bedoeld in het eerste lid, met inbegrip van het nemen van besluiten op grond van deze regels, delegeren aan andere bestuursorganen.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:CBB:2024:43College van Beroep voor het bedrijfsleven, 30 januari 2024 (bestuursrecht)

    Het College verklaart het beroep ongegrond. De subsidie is terecht afgewezen, omdat de warmtepomp en de warmtepompboiler niet uitsluitend door het bouwinstallatiebedrijf is geïnstalleerd. Appellant…

  • ECLI:NL:CBB:2023:620College van Beroep voor het bedrijfsleven, 14 november 2023 (bestuursrecht)

    De definitie van een MKB-onderneming is gegeven in de TVL, gelezen in samenhang met de AGVV. De bedrijven van Van der Valk passen niet binnen deze definitie. Dat komt door de onderlinge…

  • ECLI:NL:CBB:2022:199College van Beroep voor het bedrijfsleven, 3 mei 2022 (bestuursrecht)

    Het beroep is gegrond. Appellante heeft het restaurant inclusief de bestaande overeenkomsten en vaste lasten overgenomen. De onderneming bevindt zich nog op hetzelfde vestigingsadres en verricht ook…

  • ECLI:NL:CBB:2022:138College van Beroep voor het bedrijfsleven, 29 maart 2022 (bestuursrecht)

    Verweerder heeft de onderneming van appellant ten onrechte als startende onderneming aangemerkt en is zodoende ten onrechte uitgegaan van de alternatieve referentieperiode voor starters. Verweerder…

  • ECLI:NL:CBB:2022:139College van Beroep voor het bedrijfsleven, 29 maart 2022 (bestuursrecht)

    Verweerder heeft de onderneming van appellant ten onrechte als startende onderneming aangemerkt en is zodoende ten onrechte uitgegaan van de alternatieve referentieperiode voor starters. Verweerder…

  • ECLI:NL:CBB:2021:1020College van Beroep voor het bedrijfsleven, 23 november 2021 (bestuursrecht)

    In een rapport, uitgebracht door de NVWA, is vermeld dat geconstateerd is dat door appellante in 2017 gebruik is gemaakt van een vergistingsmenu, deels bestaande uit restmateriaal afkomstig van…

  • ECLI:NL:CBB:2021:94College van Beroep voor het bedrijfsleven, 2 februari 2021 (bestuursrecht)

    TOGS. Beroep ongegrond.

  • ECLI:NL:CBB:2020:992College van Beroep voor het bedrijfsleven, 22 december 2020 (bestuursrecht)

    TOGS

25 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.