Invoeringswet Wet op de accijns

Huidige tekst

Artikel XIV Invoeringswet Wet op de accijns

Geldt sinds 1 januari 1992

  1. 1

    Op grond van de in artikel XII bedoelde wetten verleende vergunningen of goedkeuringen voor het vervaardigen van accijnsgoederen, voor het opslaan van accijnsgoederen onder krediet voor de accijns of voor het opslaan van accijnsgoederen zonder verschuldigdheid van de accijns, alsmede op grond van de Algemene wet inzake de douane en de accijnzen verleende vergunningen voor een accijnsentrepot, worden tot wederopzegging aangemerkt als krachtens de Wet op de accijns verleende vergunningen voor een accijnsgoederenplaats.

  2. 2

    Op grond van de in artikel XII bedoelde wetten en op grond van de Algemene wet inzake de douane en de accijnzen gestelde zekerheden inzake de vervaardiging of de opslag van accijnsgoederen, worden aangemerkt als op grond van de Wet op de accijns gestelde zekerheden.

  3. 3

    De inspecteur onderzoekt vóór 1 januari 1993 of de plaatsen waarvan de in het eerste lid bedoelde vergunning of goedkeuring ingevolge dat lid wordt aangemerkt als een vergunning voor een accijnsgoederenplaats, voldoen aan de bij of krachtens de Wet op de accijns gestelde voorwaarden voor het verkrijgen van een vergunning voor een accijnsgoederenplaats.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Er zijn nog geen uitspraken aan dit artikel gekoppeld.

Zoek op deze artikelverwijzing

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.