Internationaal Verdrag van Hongkong voor het veilig en milieuvriendelijk recyclen van schepen, 2009

Huidige tekst

Artikel 1 Internationaal Verdrag van Hongkong voor het veilig en milieuvriendelijk recyclen van schepen, 2009

Geldt sinds 15 mei 2009

Voorschrift 1 Begripsomschrijvingen Voor de toepassing van deze Bijlage wordt verstaan onder: 1. „bevoegde persoon”: een natuurlijke persoon met relevante diploma's, opleiding en voldoende kennis, ervaring en vaardigheden voor het verrichten van de specifieke werkzaamheden. Een bevoegde persoon kan een getrainde werknemer of een leidinggevende zijn die bedrijfsgezondheidsrisico's en -gevaren alsmede de blootstelling van werknemers aan mogelijk gevaarlijke materialen of onveilige omstandigheden in een scheepsrecyclingsinrichting kan herkennen en beoordelen en kan bepalen welke beschermings- en voorzorgsmaatregelen getroffen dienen te worden om deze risico's, gevaren en blootstelling uit te bannen of te beperken. De bevoegde autoriteit kan de toepasselijke criteria formuleren voor de aanwijzing van deze personen en vaststellen welke taken aan hen dienen te worden toegewezen. 2. „werkgever”: een natuurlijke persoon of rechtspersoon die een of meer werknemers in dienst heeft die betrokken zijn bij de scheepsrecycling. 3. „bestaand schip”: een schip dat geen nieuw schip is. 4. „nieuw schip”: een schip: .1 waarvoor het bouwcontract wordt afgesloten op of na de datum van inwerkingtreding van dit Verdrag; of .2 waarvan, bij ontbreken van een bouwcontract, de kiel is gelegd of waarvan de bouw zich in een soortgelijk stadium bevindt op of zes maanden na de datum van inwerkingtreding van dit Verdrag; of .3 waarvan de oplevering plaatsvindt op of binnen 30 maanden na de datum van inwerkingtreding van dit Verdrag. 5. „nieuwe installatie”: het installeren van systemen, uitrusting, isolatie of ander materiaal op een schip na de datum waarop dit Verdrag in werking treedt. 6. „veilig toegankelijk”: een ruimte die voldoet aan de volgende criteria: .1 het zuurstofgehalte van de atmosfeer en de concentratie ontvlambare dampen zijn binnen veilige grenzen; .2 eventuele concentraties van giftige materialen in de atmosfeer zijn binnen toegestane grenzen; en .3 eventuele residuen of materialen bij de door de bevoegde persoon toegestane werkzaamheden leiden niet tot het ongecontroleerd vrijkomen van giftige materialen of gevaarlijke concentraties ontvlambare dampen onder de heersende atmosferische omstandigheden zoals die volgens opdracht gehandhaafd worden. 7. „veilig voor werkzaamheden waarbij hitte vrijkomt”: een ruimte die voldoet aan de volgende criteria: .1 veilige omstandigheden waarin explosies uitgesloten zijn, zich geen gassen bevinden en waarin gewerkt kan worden met booglas- en gaslasapparatuur, snijder- en branderapparatuur of andere werkzaamheden kunnen plaatsvinden waarbij open vuur gebruikt wordt, alsmede verhitting, slijpen en andere werkzaamheden waarbij vonken vrijkomen; .2 voldaan wordt aan de vereisten van voorschrift 1.6 voor veilige toegankelijkheid; .3 de heersende atmosferische omstandigheden zullen niet veranderen als gevolg van de werkzaamheden waarbij hitte vrijkomt; en .4 alle aangrenzende ruimten zijn gereinigd, inert gemaakt of voldoende behandeld om het ontstaan of verspreiden van brand te voorkomen. 8. „scheepseigenaar”: de natuurlijke persoon of personen of de onderneming die geregistreerd is of zijn als eigenaar van het schip, of bij het ontbreken van registratie, de natuurlijke persoon of personen of de onderneming die het schip in eigendom hebben of een andere organisatie of natuurlijke persoon zoals de beheerder of de rompbevrachter die de verantwoordelijkheid voor de exploitatie van het schip van de scheepseigenaar heeft overgenomen. In het geval van schepen die eigendom zijn van een Staat en worden geëxploiteerd door een onderneming die in die Staat is geregistreerd als exploitant van het schip, wordt onder „scheepseigenaar” evenwel die onderneming verstaan. Deze uitdrukking omvat tevens degenen die de eigendom van het schip hebben gedurende een beperkte periode tijdens de verkoop of overdracht ervan aan een scheepsrecyclingsinrichting. 9. „inspectie ter plaatse”: het inspecteren van een scheepsrecyclingsinrichting ter bevestiging van de omstandigheden beschreven in de geverifieerde documentatie. 10. „verklaring van voltooiing”: een bevestigende verklaring afgegeven door de scheepsrecyclingsinrichting dat de scheepsrecycling is voltooid in overeenstemming met dit Verdrag. 11. „tankschip”: een olietankschip zoals omschreven in MARPOL, Bijlage I of een NLS-tankschip, zoals omschreven in MARPOL Bijlage II. 12. „werknemer”: elke natuurlijke persoon die werkzaamheden verricht, hetzij op regelmatige basis, hetzij op tijdelijke basis, in het kader van een arbeidsverhouding en omvat mede werkzaamheden die in het kader van de aanneming van werk worden uitgevoerd.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Er zijn nog geen uitspraken aan dit artikel gekoppeld.

Zoek op deze artikelverwijzing

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.