Internationaal Verdrag betreffende de normen voor zeevarenden inzake opleiding, diplomering en wachtdienst, 1978

STCW

Huidige tekst

Artikel III STCW

Geldt sinds 1 januari 1999

Toepassing Het Verdrag is van toepassing op zeevarenden, dienst doende aan boord van zeeschepen die zijn gerechtigd tot het voeren van de vlag van een Partij, met uitzondering van zeevarenden, dienst doende aan boord van: (a) oorlogsschepen, hulpschepen voor de marine of andere schepen die eigendom zijn van of geëxploiteerd worden door een Staat en die uitsluitend worden gebezigd voor een regeringsdienst waarmee geen handelsdoeleinden worden beoogd; niettemin dient elke Partij door de invoering van passende maatregelen te verzekeren dat de personen, dienst doende aan boord van dergelijke schepen, aan de eisen van het Verdrag voldoen voor zover dat redelijk en praktisch uitvoerbaar is, zonder dat door die maatregelen de operaties van dergelijke schepen die die Staat in eigendom heeft of exploiteert, worden belemmerd of hun operationele vermogen wordt aangetast; (b) vissersvaartuigen; (c) pleziervaartuigen die niet worden gebezigd voor handelsdoeleinden; of (d) houten schepen van primitieve bouw.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Er zijn nog geen uitspraken aan dit artikel gekoppeld.

Zoek op deze artikelverwijzing

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.