Huidige tekst
Artikel 4 Instelling Landelijk overleg- platform groene ruimte
- 1
Het overlegplatform bestaat uit dertien leden, te weten: a.de directeur-generaal van het Ministerie van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij, die tevens voorzitter is; b.de (plv.) directeur van de Directie Groene Ruimte en Recreatie; c.zes leden van maatschappelijke organisaties aan te wijzen door de minister, waarvan: één lid op voordracht van de Stichting Natuur en Milieu; één lid op voordracht van de Vereniging tot behoud van Natuurmonumenten in Nederland; twee leden op voordracht van de Federatie van Land - en Tuinbouworganisaties in Nederland; één lid op voordracht van de Koninklijke Nederlandse Toeristenbond, ANWB; één lid op voordracht van de Federatie Particulier Grondbezit; d.twee leden aan te wijzen door de minister op voordracht van de gezamenlijke provincies; e.één lid aan te wijzen door de minister op voordracht van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten; f.één lid aan te wijzen door de minister op voordracht van de Unie van Waterschappen; g.één door de Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieu aan te wijzen lid.
- 2
De directeur Landinrichting en Beheer Landbouwgronden is adviserend lid van het overlegplatform.
- 3
Het overlegplatform wijst uit zijn midden een vice-voorzitter aan.