Instelling Commissie interdepartementaal Overleg inzake Zeegaande Vaartuigen

Huidige tekst

Artikel 9 Instelling Commissie interdepartementaal Overleg inzake Zeegaande Vaartuigen

Geldt sinds 15 mei 2003

  1. 1

    Een minister, genoemd in artikel 3, of een beheerder meldt aan de voorzitter van de Commissie wanneer er tijdelijk behoefte aan een civiel zeegaand vaartuig bestaat.

  2. 2

    De Commissie overlegt na de ontvangst van een verzoek als bedoeld in het eerste lid over de wijze waarop in de tijdelijke behoefte kan worden voorzien. De voorzitter van de Commissie kan hiertoe voorstellen doen. De Commissie deelt na haar beraadslaging de uitslag aan de minister of beheerder mede.

  3. 3

    Bij dringende behoefte aan een civiel zeegaand vaartuig overlegt het desbetreffende commissielid, in afwijking van het eerste en tweede lid, met de voorzitter van de Commissie. De uitslag wordt zo spoedig mogelijk aan de leden van de Commissie medegedeeld.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Er zijn nog geen uitspraken aan dit artikel gekoppeld.

Zoek op deze artikelverwijzing

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.