Grenstractaat tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Koninkrijk Hannover

Huidige tekst

Artikel 7 Grenstractaat tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Koninkrijk Hannover

Geldt sinds 16 september 1981

Art. 7 Aan de grensbewoners, wier eigendom gedeeltelijk aan deze, gedeeltelijk aan gene zijde der grenzen gelegen is, zal eene geheel vrije gemeenschap met zoodanige grondstukken, in zoo verre die tot bedrijf van hunnen akkerbouw noodig is, zijn voorbehouden; dienvolgens kunnen de bezitters van zulke gronden, mest, stroo, strooisel en andere bemestingen voor het bebouwen hunner landerijen, als mede alle soorten van veld-, tuin- en boomvruchten, uit- en invoeren, zonder ergens aan eenige regten, hetzij inkomende of uitgaande, transito of andere dergelijke belastingen, onderworpen te kunnen worden. Zij zullen alleen door certificaten hunner plaatselijke autoriteiten behooren aan te wijzen, dat zij aan gene zijde der grenzen een eigendom bezitten en bebouwen, doch kunnen zich niettemin aan het onderzoek en visitatie der commiesen of andere tot wering des sluikshandels wettig aangestelde ambtenaren, niet onttrekken. Deze zijn daarentegen alleen bevoegd, respectivelijk op derzelver gebied visitatien te doen.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Er zijn nog geen uitspraken aan dit artikel gekoppeld.

Zoek op deze artikelverwijzing

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.