Grenstractaat tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Koninkrijk Pruisen

Huidige tekst

Artikel 30 Grenstractaat tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Koninkrijk Pruisen

Geldt sinds 6 mei 1940

Art. 30 Overal waar beken de grensscheidingen vormen, zullen deze voor beide Staten gemeen zijn, ten ware het tegendeel stellig bepaald zij; en wanneer dezelve gemeen zijn, zal het onderhoud der bruggen, het schoonhouden enz., met gemeen overleg en op gemeene kosten geschieden, althans, indien bestaande overeenkomsten tusschen gemeenten andere andere bepalingen bevatten. Doch zal iedere Staat uitsluitend met het onderhoud der aan deszelfs zijde gelegen oevers belast zijn. Even zoo zal het gelegen zijn met de grachten, sloten, wegen, kanalen, heggen of alle andere voorwerpen, tot grensscheiding dienende, dat is te zeggen, dat deze voorwerpen, wat de souvereiniteit betreft, voor beide Mogendheden gemeen zullen zijn, en dat aan derzelver tegenwoordigen staat niets zal mogen worden veranderd, dan met wederzijdsche toestemming, ten ware deswege tegenovergestelde bepalingen bestonden.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Er zijn nog geen uitspraken aan dit artikel gekoppeld.

Zoek op deze artikelverwijzing

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.