Europese Overeenkomst tot bescherming van kleine huisdieren

Huidige tekst

Artikel 21 Europese Overeenkomst tot bescherming van kleine huisdieren

Geldt sinds 13 november 1987

Voorbehouden 1 Iedere Staat kan bij de ondertekeningen of bij de nederlegging van zijn akte van bekrachtiging, aanvaarding, goedkeuring of toetreding verklaren dat hij één of meer voorbehouden maakt ten aanzien van artikel 6 en artikel 10, eerste lid, letter a. Geen ander voorbehoud is toegestaan. 2 Iedere Partij die een voorbehoud heeft gemaakt krachtens het vorige lid, kan dit geheel of gedeeltelijk intrekken door middel van een aan de Secretaris-Generaal van de Raad van Europa gerichte kennisgeving. De intrekking wordt van kracht op de datum van ontvangst van de kennisgeving door de Secretaris-Generaal. 3 De Partij die een voorbehoud heeft gemaakt ten aanzien van een bepaling van deze Overeenkomst, kan de toepassing van die bepaling door een andere Partij niet vragen; indien het gemaakte voorbehoud gedeeltelijk of voorwaardelijk is, kan zij evenwel de toepassing van die bepaling vragen voor zover zij dit zelf heeft aanvaard.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Er zijn nog geen uitspraken aan dit artikel gekoppeld.

Zoek op deze artikelverwijzing

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.