Huidige tekst
Artikel 9 Europese Overeenkomst inzake de doorbetaling van studietoelagen aan in het buitenland studerende studenten
- 1
Na de inwerkingtreding van deze Overeenkomst: (a) kan iedere niet-Lid-Staat van de Raad van Europa die een Verdragsluitende Partij is bij het Europees Cultureel Verdrag, ondertekend te Parijs op 19 december 1954, tot deze Overeenkomst toetreden; (b) kan het Comité van Ministers van de Raad van Europa iedere Staat die geen lid is van de Raad, uitnodigen tot deze Overeenkomst toe te treden.
- 2
Toetreding geschiedt door nederlegging van een akte van toetreding bij de Secretaris-Generaal van de Raad van Europa en wordt van kracht een maand na de datum van nederlegging daarvan.