Europees Verdrag inzake de internationale geldigheid van strafvonnissen

Huidige tekst

Artikel 44 Europees Verdrag inzake de internationale geldigheid van strafvonnissen

Geldt sinds 6 september 1993

  1. 1

    Indien het verzoek om tenuitvoerlegging is aanvaard, vervangt de rechter de in de verzoekende Staat opgelegde sanctie welke vrijheidsbeneming meebrengt door een sanctie die voor hetzelfde feit is voorzien in zijn eigen wet. Die sanctie kan, binnen de in het tweede lid aangegeven grenzen, van een andere aard en duur zijn dan de in de verzoekende Staat opgelegde sanctie. Indien deze laatste sanctie beneden het minimum blijft dat krachtens de wet van de aangezochte Staat mag worden opgelegd, is de rechter niet gebonden aan dat minimum en legt hij een sanctie op die overeenkomt met de sanctie die was opgelegd in de verzoekende Staat.

  2. 2

    Bij het vaststellen van de sanctie mag de rechter de strafrechterlijke bejegening van de veroordeelde, waartoe de in de verzoekende Staat genomen beslissing leidt, niet verscherpen.

  3. 3

    Delen van de door de verzoekende Staat opgelegde sanctie en perioden van voorlopige hechtenis, die door de veroordeelde zijn ondergaan na het vonnis, worden integraal in mindering gebracht. Hetzelfde geldt voor de preventieve hechtenis die de veroordeelde in de verzoekende Staat vóór zijn veroordeling heeft ondergaan, voor zover de wet van die Staat dat vereist.

  4. 4

    Een Verdragsluitende Staat kan op elk tijdstip bij de Secretaris-Generaal van de Raad van Europa een verklaring nederleggen, waardoor hij krachtens dit Verdrag bevoegd wordt tot het ten uitvoer leggen van een sanctie die vrijheidsbeneming meebrengt van dezelfde aard als die opgelegd in de verzoekende Staat, zelfs als de duur van die sanctie het maximum overschrijdt dat zijn eigen wetgeving voor een dergelijke sanctie kent. Deze regel mag echter slechts worden toegepast in de gevallen waarin de nationale wet van de aangezochte Staat toelaat voor hetzelfde feit een sanctie op te leggen, die ten minste van dezelfde duur is als. maar strenger van aard is dan de in de verzoekende Staat opgelegde sanctie. De overeenkomstig het bepaalde in dit lid opgelegde sanctie kan, indien de duur en het doel daarvan zulks vereisen, ten uitvoer worden gelegd in een penitentiaire inrichting bestemd voor de tenuitvoerlegging van sancties van andere aard.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2024:901Parket bij de Hoge Raad, 6 september 2024 (strafrecht)

    Overheidsprivaatrecht. Strafrecht. Tenuitvoerlegging Belgische straf o.g.v. Kaderbesluit 2008/909/JBZ en Wets. Toepassing Belgische v.i. o.g.v. art. 6:2:10 lid 4, aanhef en onder a, Sv?…

  • ECLI:NL:PHR:2024:902Parket bij de Hoge Raad, 6 september 2024 (strafrecht)

    Overheidsprivaatrecht. Strafrecht. Tenuitvoerlegging Belgische straf o.g.v. Kaderbesluit 2008/909/JBZ en Wets. Toepassing Belgische v.i. o.g.v. art. 6:2:10 lid 4, aanhef en onder a, Sv?…

  • ECLI:NL:PHR:2022:222Parket bij de Hoge Raad, 8 maart 2022 (strafrecht)

    Conclusie AG. Syriëganger. Internationaal ne bis in idem. Strafmotivering. Heeft hof terecht en voldoende begrijpelijk geoordeeld dat verdachte in Nederland opnieuw kon worden vervolgd voor een feit…

  • ECLI:NL:PHR:2022:223Parket bij de Hoge Raad, 8 maart 2022 (strafrecht)

    Conclusie AG. Syriëganger. Internationaal ne bis in idem. Strafmotivering. Heeft hof terecht en voldoende begrijpelijk geoordeeld dat verdachte in Nederland opnieuw kon worden vervolgd voor een feit…

  • ECLI:NL:RBDHA:2024:8377Rechtbank Den Haag, 12 april 2024 (verbintenissenrecht)

    Kort geding. Gratie. Tenuitvoerlegging Belgische straf in Nederland. Motivering minister kan de beslissing om gratieverzoek van eiser af te wijzen niet dragen. Uitgangspunt is dat de…

  • ECLI:NL:RBAMS:2023:7270Rechtbank Amsterdam, 15 november 2023 (europees strafrecht)

    De rechtbank verleent verlof voor tenuitvoerlegging in Nederland van een in Noorwegen opgelegde straf. De rechtbank zet de in Noorwegen opgelegde gevangenisstraf van 11 jaar en 2 maanden in…

  • ECLI:NL:RBAMS:2023:4327Rechtbank Amsterdam, 13 juli 2023 (strafrecht)

    De rechtbank moet in deze zaak beslissen over overname en tenuitvoerlegging van een in Canada opgelegde gevangenisstraf van dertien jaar. Op de zitting van 29 juni 2023 heeft de officier van justitie…

  • ECLI:NL:GHDHA:2023:1223Gerechtshof Den Haag, 16 mei 2023 (verbintenissenrecht)

    WETS-zaak; erkenning en overname van Belgisch strafvonnis; toepassing Belgische v.i.-regeling? art. 6:2:10 lid 4 Sv; peilmoment; strafverzwaring?; Nederlandse gratieregeling voldoende "escape"

19 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.