Europees Verdrag inzake de bescherming van het archeologisch erfgoed (herzien)

Huidige tekst

Artikel 5 Europees Verdrag inzake de bescherming van het archeologisch erfgoed (herzien)

Geldt sinds 16 januari 1992

Geïntegreerd behoud van het archeologische erfgoed Iedere Partij verplicht zich ertoe: i. te streven naar afstemming en overeenstemming tussen de onderscheiden behoeften van de archeologie en de ruimtelijke ordening door erop toe te zien dat archeologen worden betrokken bij: a.het planningsbeleid, ten einde te komen tot evenwichtige strategieën voor de bescherming, het behoud en het beter tot hun recht doen komen van plaatsen van archeologisch belang; b.de verschillende fasen van ontwikkelingsprojecten; ii. te waarborgen dat archeologen, stedebouwkundigen en planologen stelselmatig met elkaar overleggen ten einde te komen tot: a.wijziging van ontwikkelingsplannen die het archeologische erfgoed zouden kunnen aantasten; b.toewijzing van voldoende tijd en middelen om passend wetenschappelijk onderzoek van de vindplaats te verrichten en om de resultaten daarvan te publiceren; iii. te waarborgen dat milieu-effectrapportages en de daaruit voortvloeiende beslissingen ten volle rekening houden met archeologische vindplaatsen en hun context; iv. zorg te dragen, wanneer bestanddelen van het archeologische erfgoed zijn gevonden gedurende bouwwerkzaamheden, voor het behoud daarvan, zo mogelijk in situ; v. te waarborgen dat de openstelling van archeologische vindplaatsen voor het publiek, met name de nodige voorzieningen voor het opvangen van grote aantallen bezoekers, het archeologische en wetenschappelijke karakter van die plaatsen en hun omgeving niet aantast.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Er zijn nog geen uitspraken aan dit artikel gekoppeld.

Zoek op deze artikelverwijzing

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.