Europees Verdrag betreffende de erkenning en de tenuitvoerlegging van beslissingen inzake het gezag over kinderen en betreffende het herstel van het gezag over kinderen

Huidige tekst

Artikel 4 Europees Verdrag betreffende de erkenning en de tenuitvoerlegging van beslissingen inzake het gezag over kinderen en betreffende het herstel van het gezag over kinderen

Geldt sinds 1 september 1990

  1. 1

    Een ieder die in een Verdragsluitende Staat een beslissing heeft verkregen betreffende het gezag over een kind en die wenst dat die beslissing in een andere Verdragsluitende Staat wordt erkend of ten uitvoer gelegd, kan een daartoe strekkend verzoek richten tot de centrale autoriteit van een Verdragsluitende Staat.

  2. 2

    Het verzoek moet zijn vergezeld van de in artikel 13 genoemde documenten.

  3. 3

    De centrale autoriteit waartoe het verzoek wordt gericht zendt, indien het een andere centrale autoriteit is dan die van de aangezochte Staat, de documenten rechtstreeks en onverwijld aan de centrale autoriteit van de aangezochte Staat.

  4. 4

    De centrale autoriteit waartoe het verzoek wordt gericht, kan haar tussenkomst weigeren wanneer duidelijk is dat aan de door dit Verdrag gestelde voorwaarden niet is voldaan.

  5. 5

    De centrale autoriteit waartoe het verzoek wordt gericht, deelt de verzoeker onverwijld mede welk gevolg aan zijn verzoek is gegeven.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Er zijn nog geen uitspraken aan dit artikel gekoppeld.

Zoek op deze artikelverwijzing

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.