Eedswet 1971

Ew 1971

Huidige tekst

Artikel 1 Ew 1971

Geldt sinds 12 mei 1971

In elk geval waarin een wettelijk voorschrift het afleggen van een eed vordert of daaraan rechtsgevolgen verbindt, kan ter keuze van de betrokkene in de plaats van de eed de belofte worden afgelegd of, in voorkomend geval, de bevestiging worden gegeven.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2026:878Parket bij de Hoge Raad, 22 september 2026 (strafrecht)

    Conclusie A-G. Poging zware mishandeling. A-G is van oordeel dat de omstandigheid dat de tolk die ter terechtzitting in hoger beroep al hetgeen ter terechtzitting is gesproken of voorgelezen heeft…

  • ECLI:NL:HR:2002:AE7368Hoge Raad, 29 november 2002 (civiel recht)

    -

  • ECLI:NL:PHR:2002:AE7368Parket bij de Hoge Raad, 29 november 2002 (civiel recht)

    -

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.