Douaneverdrag inzake de tijdelijke invoer van particuliere wegvoertuigen

Huidige tekst

Artikel 22 Douaneverdrag inzake de tijdelijke invoer van particuliere wegvoertuigen

Geldt sinds 5 november 1999

  1. 1

    Aanvragen tot verlenging van de geldigheidsduur van Bewijzen van tijdelijke invoer moeten, behoudens in geval van overmacht, vóór het verstrijken van de geldigheidsduur bij de bevoegde douane-autoriteiten worden ingediend. Indien het Bewijs van tijdelijke invoer is afgegeven door een gemachtigde organisatie, moet het verzoek om verlenging door de aansprakelijke organisatie worden ingediend.

  2. 2

    Verlenging van de geldigheidsduur voor de tijd welke nodig is voor de wederuitvoer van de tijdelijk ingevoerde voertuigen of losse onderdelen, wordt toegestaan indien de belanghebbenden ten genoegen van de douane-autoriteiten kunnen aantonen dat zij door overmacht verhinderd zijn bedoelde voertuigen of losse onderdelen binnen de gestelde termijn weder uit te voeren.

  3. 3

    De tekst van de vertaling is niet beschikbaar.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Er zijn nog geen uitspraken aan dit artikel gekoppeld.

Zoek op deze artikelverwijzing

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.