Cultureel Verdrag tussen Nederland en Griekenland

Huidige tekst

Artikel 3 Cultureel Verdrag tussen Nederland en Griekenland

Geldt sinds 20 maart 1954

De bevoegde autoriteiten van de Verdragsluitende Partijen zullen in gemeenschappelijk overleg de maatregelen nemen, welke nodig zijn voor het ten uitvoer leggen van de bepalingen van bovenstaande artikelen. Te dien einde wordt in elk van beide landen een commissie ingesteld, wier taak het is, aan de Regering voorstellen te doen betreffende de uitvoering van dit Verdrag. De diplomatieke vertegenwoordiger van de andere Verdragsluitende Partij kan worden uitgenodigd, deel te nemen aan de besprekingen van deze commissie.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Er zijn nog geen uitspraken aan dit artikel gekoppeld.

Zoek op deze artikelverwijzing

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.