Terug naar Burgerlijk Wetboek BES
Burgerlijk Wetboek BES Boek 1
Kies een titel of ga direct naar een artikel.
Inhoudsopgave
Titel 1 Algemene bepalingen
- Artikel 1Allen die zich in de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba bevinden, zijn vrij en bevoegd tot het genot van…
- Artikel 2Het kind waarvan een vrouw zwanger is, wordt als reeds geboren aangemerkt, zo dikwijls zijn belang dit vordert.
- Artikel 3De graad van bloedverwantschap wordt bepaald door het getal der geboorten, die de bloedverwantschap hebben veroorzaakt.
Titel 2 Het recht op de naam
- Artikel 4Een ieder heeft de voornamen die hem in zijn geboorteakte zijn gegeven.
- Artikel 5Indien een kind in familierechtelijke betrekking staat tot één ouder, heeft het de geslachtsnaam van die ouder.
- Artikel 6De geslachtsnaam wordt ten aanzien van een ieder dwingend bewezen door de akte van geboorte.
- Artikel 7De geslachtsnaam van een persoon kan op zijn verzoek, of op verzoek van zijn wettelijke vertegenwoordiger, bij…
- Artikel 8Hij die de naam van een ander zonder diens toestemming voert, handelt jegens die persoon onrechtmatig, wanneer hij…
- Artikel 9Een vrouw die gehuwd is of die gehuwd is geweest en niet is hertrouwd, is steeds bevoegd de geslachtsnaam van haar…
Titel 3 Woonplaats
- Artikel 10De woonplaats van een natuurlijk persoon bevindt zich te zijner woonstede, en bij gebreke van woonstede ter plaatse van…
- Artikel 11Een natuurlijk persoon verliest zijn woonstede door daden waaruit zijn wil blijkt om haar prijs te geven.
- Artikel 11aDie tot openbare bedieningen worden geroepen, behouden hun woonplaats, indien zij het tegenovergestelde voornemen niet…
- Artikel 12Een minderjarige volgt de woonplaats van hem die het gezag over hem uitoefent, de onder curatele gestelde die van zijn…
- Artikel 13Het sterfhuis van een overledene is daar, waar hij zijn laatste woonplaats heeft gehad.
- Artikel 14Een persoon die een kantoor of een filiaal houdt, heeft ten aanzien van aangelegenheden die dit kantoor of dit filiaal…
- Artikel 15Een persoon kan een andere woonplaats dan zijn werkelijke slechts kiezen, wanneer de wet hem daartoe verplicht, of…
Titel 4 Burgerlijke stand
Afdeling 1 De ambtenaar van de burgerlijke stand
- Artikel 16In elk van de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba zijn twee of, naar goedvinden van het bestuurscollege…
- Artikel 16aDe ambtenaar van de burgerlijke stand is belast met het opnemen in de onder hem berustende registers van de burgerlijke…
- Artikel 16cHet bestuurscollege bepaalt de uren, waarop het bureau van de burgerlijke stand dagelijks voor het publiek geopend zal…
- Artikel 16dBij algemene maatregel van bestuur worden regels gesteld ten aanzien van de door het bestuurscollege te treffen…
Afdeling 2 De registers van de burgerlijke stand en de bewaring daarvan
- Artikel 17Er bestaan voor elk van de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba registers van geboorten, van huwelijken en…
- Artikel 17aDe registers van de burgerlijke stand worden in het daartoe door het bestuurscollege bestemde gebouw bewaard totdat zij…
- Artikel 17bDe beheerder van een archiefbewaarplaats als bedoeld in artikel 17a, is belast met het bewaren van de onder hem…
- Artikel 17cBij algemene maatregel van bestuur wordt geregeld alles wat verder betreft de inrichting van de registers, alsmede de…
Afdeling 3 Akten van de burgerlijke stand en partijen bij deze akten
- Artikel 18De ambtenaar van de burgerlijke stand mag in de akten alleen opnemen hetgeen ingevolge het bij of krachtens de wet…
- Artikel 18aPartijen bij een akte van de burgerlijke stand zijn degenen die aan de ambtenaar van de burgerlijke stand een aangifte…
- Artikel 18bBlijft een partij bij een akte van de burgerlijke stand of een belanghebbende partij in gebreke de in artikel 18…
- Artikel 18cVan alle in registers opgenomen akten van de burgerlijke stand wordt een dubbel of een afschrift gehouden, volgens…
Afdeling 4 De akten van geboorte en van overlijden
- Artikel 19Een akte van geboorte wordt opgemaakt door de ambtenaar van de burgerlijke stand van het openbaar lichaam waar het kind…
- Artikel 19aIn geval van geboorte op een varend schip tijdens een zeereis tussen twee van de openbare lichamen Bonaire, Sint…
- Artikel 19bIndien de plaats of de dag van de geboorte van het kind niet bekend is, dan wel indien de naam, met inbegrip van de…
- Artikel 19cZijn krachtens artikel 5, tweede lid, in de akte een voorlopige voornaam en geslachtsnaam opgenomen, dan zendt de…
- Artikel 19dIndien het geslacht van het kind twijfelachtig is, wordt een geboorteakte opgemaakt, waarin wordt vermeld dat het…
- Artikel 19eTot de aangifte van een geboorte is bevoegd de moeder van het kind.
- Artikel 19fEen akte van overlijden wordt opgemaakt door de ambtenaar van de burgerlijke stand van het openbaar lichaam waar het…
- Artikel 19gIn geval van overlijden tijdens een zeereis tussen twee van de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba of in…
- Artikel 19hTot de aangifte van een overlijden is bevoegd wie daarvan uit eigen wetenschap kennis draagt.
- Artikel 19iWanneer een kind levenloos ter wereld is gekomen, wordt een akte opgemaakt, die in het register van overlijden wordt…
- Artikel 19iaGeen begraving of verbranding mag geschieden zonder het verlof, vrij van zegel en kosteloos door de ambtenaar van de…
- Artikel 19ibDe ambtenaar, die het verbaal van schouwing zal hebben opgemaakt, is verplicht aan die van de burgerlijke stand…
- Artikel 19jBij algemene maatregel van bestuur wordt geregeld al wat betreft de aan de ambtenaar over te leggen stukken, het…
Afdeling 5 Latere vermeldingen
- Artikel 20De ambtenaar van de burgerlijke stand voegt aan de onder hem berustende akten van de burgerlijke stand latere…
- Artikel 20aDe in artikel 20, eerste lid, bedoelde latere vermeldingen, met uitzondering van de vermeldingen, bedoeld in dat lid…
- Artikel 20bVan akten en uitspraken die in het buitenland overeenkomstig de plaatselijke voorschriften door een bevoegde instantie…
- Artikel 20cDe artikelen 18 en 18b zijn van overeenkomstige toepassing.
- Artikel 20dBij algemene maatregel van bestuur wordt geregeld al wat betreft de aan de ambtenaar over te leggen stukken, het…
- Artikel 20eVan de in artikel 20, eerste lid, genoemde uitspraken zendt de griffier van het college waarvoor de zaak laatstelijk…
- Artikel 20fDe ambtenaar van de burgerlijke stand die een latere vermelding van naamskeuze, de erkenning toevoegt aan de akte van…
- Artikel 20gDe ambtenaar van de burgerlijke stand die aan de geboorteakte van een minderjarige een latere vermelding toevoegt…
Afdeling 6 Akten van inschrijving van bepaalde rechterlijke uitspraken
- Artikel 21De ambtenaar van de burgerlijke stand te ’s-Gravenhage maakt akten van inschrijving op van in kracht van gewijsde…
Afdeling 7 De bewijskracht van akten van de burgerlijke stand, alsmede van afschriften en uittreksels
- Artikel 22De akte van geboorte bewijst ten aanzien van een ieder dat op de in de akte vermelde plaats, dag en uur uit de daarin…
- Artikel 22aAuthentieke afschriften of uittreksels, in de wettige vorm opgemaakt en afgegeven door de daartoe bevoegde bewaarder…
Afdeling 8 De openbaarheid van de akten van de burgerlijke stand
- Artikel 23De openbaarheid van de akten van de burgerlijke stand, daaronder begrepen de in artikel 18c bedoelde dubbelen of…
- Artikel 23aVan de akten van de burgerlijke stand mogen slechts de bewaarders en het Openbaar Ministerie inzage nemen.
- Artikel 23bEen ieder is bevoegd zich door de ambtenaar die met de afgifte van afschriften en uittreksels van akten van de…
- Artikel 23cDe in artikel 18c bedoelde dubbelen of afschriften van de akten van de burgerlijke stand zijn slechts openbaar zolang…
Afdeling 9 De aanvulling van de registers van de burgerlijke stand en de verbetering van de daarin voorkomende akten en latere vermeldingen
- Artikel 24Aanvulling van een register van de burgerlijke stand met een daarin ontbrekende akte of latere vermelding, doorhaling…
- Artikel 24aKennelijke misslagen en kennelijke schrijf- of spelfouten kunnen worden verbeterd met toestemming van de officier van…
- Artikel 24bAanvulling van een register van de burgerlijke stand op grond van artikel 24 geschiedt door het opmaken van een nieuwe…
Afdeling 10 De verklaring voor recht omtrent de rechtsgeldigheid in de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba van een buitenlandse akte of uitspraak
- Artikel 26Een ieder die daarbij een gerechtvaardigd belang heeft, kan de rechter in eerste aanleg verzoeken een verklaring voor…
- Artikel 26aDe rechter in eerste aanleg kan, op verzoek of ambtshalve, bij de in artikel 26, eerste lid, bedoelde verklaring voor…
- Artikel 26dDe overlegging van een authentiek afschrift van de buitenlandse akte of uitspraak waarop het verzoek betrekking heeft…
- Artikel 26eDe griffier van het college waarbij de zaak laatstelijk aanhangig was, zendt een afschrift van de beschikking aan de…
Afdeling 11 Voorziening tegen de weigering tot het opmaken van een akte van de burgerlijke stand of tot een andere verrichting
- Artikel 27Naar aanleiding van een besluit van een ambtenaar van de burgerlijke stand om op grond van artikel 18b of 20c te…
- Artikel 27aDe rechter kan, op verzoek van een belanghebbende partij of ambtshalve, bij zijn beschikking tevens een verklaring als…
- Artikel 27bDe griffier zendt een afschrift van de beschikking aan de belanghebbende partijen en aan de ambtenaar van de…
Titel 5 Het huwelijk
- Artikel 30Een huwelijk kan worden aangegaan door twee personen van verschillend of van gelijk geslacht.
Afdeling 1 Vereisten tot het aangaan van een huwelijk
- Artikel 31Om een huwelijk te mogen aangaan moeten een man en een vrouw de leeftijd van achttien jaren hebben bereikt.
- Artikel 32Een huwelijk mag niet worden aangegaan, wanneer de geestvermogens van een partij zodanig zijn gestoord dat deze niet in…
- Artikel 33Een persoon kan tegelijkertijd slechts met één andere persoon door het huwelijk verbonden zijn.
- Artikel 35Een minderjarige mag geen huwelijk aangaan zonder toestemming van zijn ouders.
- Artikel 36Voor zover een volgens artikel 35 vereiste toestemming niet wordt verkregen, kan zij op verzoek van de minderjarige…
- Artikel 39Heeft de rechter in eerste aanleg de toestemming verleend, dan is de termijn van beroep veertien dagen en kan gedurende…
- Artikel 41Een huwelijk mag niet worden gesloten tussen hen die elkander, hetzij van nature, hetzij familierechtelijk bestaan in…
- Artikel 42Zij die met elkander een huwelijk willen aangaan, mogen niet tegelijkertijd op de voet van het Nederlandse Burgerlijk…
Afdeling 2 Formaliteiten die aan de voltrekking van het huwelijk moeten voorafgaan
- Artikel 43Zij die met elkaar een huwelijk willen aangaan, moeten daarvan onder overlegging van de in artikel 44, eerste lid…
- Artikel 44Voor de aangifte van het huwelijk worden de volgende bescheiden aan de ambtenaar van de burgerlijke stand overgelegd:
- Artikel 45Een aanstaande echtgenoot die in de onmogelijkheid is zijn door artikel 44 vereiste geboorteakte te vertonen, kan dit…
- Artikel 45aIndien partijen niet in staat zijn de akten van overlijden, bedoeld in artikel 44, eerste lid, onderdeel c, over te…
- Artikel 46Wanneer het huwelijk binnen een jaar, te rekenen van de datum van de akte van huwelijksaangifte, niet is voltrokken…
- Artikel 47Indien een minderjarige een huwelijk wenst aan te gaan, onderzoekt de ambtenaar van de burgerlijke stand van welke…
- Artikel 48Indien hij die wil hertrouwen het gezag heeft over kinderen uit een vorig huwelijk, geeft de ambtenaar van de…
- Artikel 49Trouwbeloften geven geen rechtsvordering tot het aangaan van een huwelijk, noch tot schadevergoeding wegens de…
- Artikel 49aIndien een buiten de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba woonplaats hebbende of gehad hebbende…
Afdeling 3 Stuiting van het huwelijk
- Artikel 50Een huwelijk kan worden gestuit, wanneer partijen niet de vereisten in zich verenigen om een huwelijk aan te gaan, dan…
- Artikel 51Bevoegd tot stuiting, wanneer partijen niet de vereisten in zich verenigen om een huwelijk aan te gaan, zijn…
- Artikel 52Hij die met een der partijen door huwelijk verbonden is dan wel met een der partijen op de voet van het Nederlandse…
- Artikel 53Het Openbaar Ministerie is verplicht een voorgenomen huwelijk te stuiten, indien het met een der in de artikelen 31 tot…
- Artikel 54De stuiting geschiedt door betekening van een akte aan de ambtenaar van de burgerlijke stand van het openbaar lichaam…
- Artikel 55Een stuiting kan worden opgeheven:
- Artikel 56Het huwelijk mag niet worden voltrokken, voordat de stuiting is opgeheven.
- Artikel 57Een ambtenaar van de burgerlijke stand aan wie het bestaan van een der in de artikelen 31 tot en met 33 en 42…
Afdeling 4 De voltrekking van het huwelijk
- Artikel 58Komt vast te staan dat op het tijdstip waarop de voltrekking van het huwelijk zal plaatsvinden, meer dan zes maanden…
- Artikel 62Het huwelijk mag niet worden voltrokken vóór de veertiende dag na de datum van de akte van huwelijksaangifte.
- Artikel 63Een huwelijk wordt in tegenwoordigheid van ten minste twee en ten hoogste vier meerderjarige getuigen in het openbaar…
- Artikel 64Indien een der partijen uit hoofde van een behoorlijk bewezen wettig beletsel verhinderd wordt zich naar het voor de…
- Artikel 65De aanstaande echtgenoten zijn verplicht bij de voltrekking van hun huwelijk in persoon voor de ambtenaar van de…
- Artikel 66Het staat de Minister van Justitie vrij uit hoofde van gewichtige redenen aan partijen te vergunnen het huwelijk door…
- Artikel 67De aanstaande echtgenoten moeten ten overstaan van de ambtenaar van de burgerlijke stand en in tegenwoordigheid van de…
Afdeling 5 Nietigverklaring van een huwelijk
- Artikel 69Voor zover hieronder niet anders is bepaald, kan op grond dat de echtgenoten niet de vereisten in zich verenigden om…
- Artikel 70Op verzoek van de ouders, de echtgenoten en het Openbaar Ministerie kan een huwelijk worden nietig verklaard, wanneer…
- Artikel 71Een echtgenoot kan de nietigverklaring van zijn huwelijk verzoeken, wanneer dit onder invloed van een onrechtmatige…
- Artikel 71aOp vordering van het Openbaar Ministerie kan een huwelijk als schijnhandeling wegens strijd met de Nederlandse openbare…
- Artikel 72Een huwelijk kan niet nietig worden verklaard uit hoofde dat op het tijdstip van de huwelijksvoltrekking een der…
- Artikel 73De nietigverklaring van een huwelijk uit hoofde van een geestelijke stoornis kan na het ophouden van de stoornis alleen…
- Artikel 74De nietigverklaring van een huwelijk dat aangegaan is door iemand die de vereiste leeftijd miste, kan niet worden…
- Artikel 75Wegens het ontbreken van een vereiste toestemming van een derde kan de nietigverklaring van het huwelijk alleen door…
- Artikel 76Behoudens het in artikel 56 bepaalde, verklaart de rechter een huwelijk alleen nietig op grond van een verzoek…
- Artikel 77De nietigverklaring van het huwelijk werkt zodra de beschikking in kracht van gewijsde is gegaan;
Afdeling 6 Bewijs van het bestaan van het huwelijk
- Artikel 78Het bestaan van een in de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba gesloten huwelijk kan niet anders worden…
- Artikel 79Heeft het huwelijksregister niet bestaan of is het verloren gegaan of ontbreekt daaraan de huwelijksakte, dan kan het…
- Artikel 80Wordt in een geding betwist dat een kind, dat uiterlijk bezit van staat heeft, uit een huwelijk is geboren, dan levert…
Afdeling 7 Buiten de openbare lichamen voltrokken huwelijken en geregistreerde partnerschappen
- Artikel 80aEen huwelijk, voltrokken op grond van het in het Europese deel van Nederland geldende Burgerlijk Wetboek, heeft in de…
- Artikel 80bEen geregistreerd partnerschap, voltrokken op grond van het in het Europese deel van Nederland geldende Burgerlijk…
Titel 6 Rechten en verplichtingen van echtgenoten
- Artikel 81Echtgenoten zijn elkander getrouwheid, hulp en bijstand verschuldigd.
- Artikel 82Echtgenoten zijn jegens elkander verplicht hun kinderen te verzorgen en op te voeden.
- Artikel 83Echtgenoten zijn jegens elkander tot samenwoning verplicht, tenzij gewichtige redenen zich daartegen verzetten.
- Artikel 84De kosten der huishouding, daaronder begrepen de kosten der verzorging en opvoeding van de kinderen, komen ten laste…
- Artikel 85De ene echtgenoot is naast de andere voor het geheel aansprakelijk voor de door deze ten behoeve van de gewone gang van…
- Artikel 86De rechter in eerste aanleg kan, wanneer daartoe gegronde redenen bestaan, op verzoek van een echtgenoot bepalen dat…
- Artikel 88Een echtgenoot behoeft de toestemming van de andere echtgenoot voor de volgende rechtshandelingen:
- Artikel 89Een rechtshandeling die een echtgenoot in strijd met artikel 88, heeft verricht, is vernietigbaar;
- Artikel 90Een echtgenoot is bevoegd tot het bestuur van zijn eigen goederen en, volgens de regels van artikel 97, tot het bestuur…
- Artikel 91Indien een echtgenoot door afwezigheid of een andere oorzaak in de onmogelijkheid verkeert zijn goederen of de goederen…
- Artikel 92Is aan een derde niet kenbaar wie van de echtgenoten bevoegd is tot het bestuur over een roerende zaak die geen…
- Artikel 92aDeze titel is niet van toepassing op van tafel en bed gescheiden echtgenoten.
Titel 7 De wettelijke gemeenschap van goederen
Afdeling 1 Algemene bepalingen
- Artikel 93Van het ogenblik der voltrekking van het huwelijk bestaat tussen de echtgenoten van rechtswege algehele gemeenschap van…
- Artikel 94De gemeenschap omvat, wat haar baten betreft, alle tegenwoordige en toekomstige goederen der echtgenoten, met…
- Artikel 95Voor een schuld van een echtgenoot, die in de gemeenschap is gevallen, kunnen zowel de goederen der gemeenschap als…
- Artikel 96Ook voor een schuld van een echtgenoot, die niet in de gemeenschap is gevallen, kunnen de goederen der gemeenschap…
Afdeling 2 Het bestuur van de gemeenschap
- Artikel 97Een goed der gemeenschap staat onder het bestuur van de echtgenoot van wiens zijde het in de gemeenschap is gevallen…
- Artikel 98De echtgenoten verstrekken elkander desgevraagd inlichtingen over het gevoerde bestuur, alsmede over de stand der…
Afdeling 3 Ontbinding van de gemeenschap
- Artikel 99De gemeenschap wordt van rechtswege ontbonden:
- Artikel 100De echtgenoten hebben een gelijk aandeel in de ontbonden gemeenschap, tenzij anders is bepaald bij huwelijkse…
- Artikel 101Na de ontbinding der gemeenschap heeft ieder der echtgenoten de bevoegdheid de te zijnen gebruike strekkende kleren en…
- Artikel 102Na ontbinding van de gemeenschap blijft ieder der echtgenoten voor het geheel aansprakelijk voor de…
- Artikel 103Ieder der echtgenoten heeft het recht van de gemeenschap afstand te doen;
- Artikel 104De echtgenoot die van het in artikel 103 omschreven voorrecht wil gebruik maken, is verplicht binnen drie maanden na de…
- Artikel 105De erfgenamen van een echtgenoot door wiens overlijden de gemeenschap is ontbonden, of die binnen de in artikel 104…
- Artikel 106De rechter in eerste aanleg van de zittingsplaats waar de akte van afstand moet worden ingeschreven, kan de voor de…
- Artikel 107De echtgenoot of zijn erfgenaam, die zich de goederen der gemeenschap heeft aangetrokken of goederen daarvan heeft…
- Artikel 108Afstand van de gemeenschap, door een echtgenoot of een erfgenaam van een echtgenoot gedaan nadat door de andere…
Afdeling 4 Opheffing van de gemeenschap bij beschikking
- Artikel 109Een echtgenoot kan opheffing van de gemeenschap verzoeken, wanneer de andere echtgenoot op lichtvaardige wijze schulden…
- Artikel 110Het verzoek moet in het huwelijksgoederenregister, aangewezen in artikel 116, worden ingeschreven, en moet openlijk…
- Artikel 111De beschikking waarbij het verzoek tot opheffing van de gemeenschap is toegewezen, werkt terug tot de dag waarop aan…
- Artikel 112De opheffing van de gemeenschap moet, om tegen derden die daarvan onkundig waren, te werken, openlijk worden bekend…
- Artikel 113Is de gemeenschap door opheffing ontbonden, dan kunnen de echtgenoten daarna, echter alleen bij huwelijkse voorwaarden…
Titel 8 Huwelijkse voorwaarden
Afdeling 1 Huwelijkse voorwaarden in het algemeen
- Artikel 114Huwelijkse voorwaarden kunnen zowel door aanstaande echtgenoten vóór het sluiten van het huwelijk als door echtgenoten…
- Artikel 115Huwelijkse voorwaarden moeten op straffe van nietigheid bij notariële akte worden aangegaan.
- Artikel 116Bepalingen in huwelijkse voorwaarden kunnen aan derden die daarvan onkundig waren, slechts worden tegengeworpen, indien…
- Artikel 117Huwelijkse voorwaarden, vóór het huwelijk gemaakt of gewijzigd, zijn slechts geldig, indien zij wier toestemming tot…
- Artikel 118Na de huwelijksvoltrekking kunnen huwelijkse voorwaarden slechts gemaakt of gewijzigd worden, wanneer het huwelijk ten…
- Artikel 119Het maken of wijzigen van huwelijkse voorwaarden tijdens het huwelijk behoeft de goedkeuring van de rechter in eerste…
- Artikel 120Tijdens het huwelijk gemaakte of gewijzigde huwelijkse voorwaarden beginnen te werken op de dag, volgende op die waarop…
- Artikel 121Partijen kunnen bij huwelijkse voorwaarden afwijken van de regels der wettelijke gemeenschap, mits die voorwaarden niet…
- Artikel 122Titel 7 is van toepassing, voor zover daarvan niet uitdrukkelijk of door de aard der bedingen, bij de huwelijkse…
- Artikel 130Een echtgenoot kan tegen derden zijn aanbreng van bij huwelijkse voorwaarden buiten de gemeenschap gehouden goederen…
- Artikel 131Bestaat tussen de echtgenoten een geschil aan wie van hen beiden een recht aan toonder of een zaak die geen…
Afdeling 2 Giften bij huwelijkse voorwaarden
- Artikel 146Echtgenoten of aanstaande echtgenoten mogen bij huwelijkse voorwaarden aan elkander, of een van beiden aan de andere…
- Artikel 147Giften van de gehele of gedeeltelijke nalatenschap zijn slechts in dezelfde gevallen als andere giften in huwelijkse…
- Artikel 148Bij de huwelijkse voorwaarden kunnen ook andere personen dan de echtgenoten aan dezen of aan een dezer giften doen…
Titel 9 Ontbinding van het huwelijk
Afdeling 1 Ontbinding van het huwelijk in het algemeen
- Artikel 149Het huwelijk eindigt:
Afdeling 2 Echtscheiding
- Artikel 150Echtscheiding tussen echtgenoten die niet van tafel en bed gescheiden zijn, wordt uitgesproken op verzoek van één der…
- Artikel 151Echtscheiding wordt op verzoek van één der echtgenoten uitgesproken, indien het huwelijk duurzaam ontwricht is.
- Artikel 153Indien als gevolg van de verzochte echtscheiding een bestaand vooruitzicht op uitkeringen aan de andere echtgenoot na…
- Artikel 154Echtscheiding wordt op gemeenschappelijk verzoek van de echtgenoten uitgesproken indien het verzoek is gegrond op hun…
- Artikel 157De rechter kan bij de echtscheidingsbeschikking of bij latere uitspraak aan de echtgenoot die niet voldoende inkomsten…
- Artikel 158Vóór of na de beschikking tot echtscheiding kunnen de echtgenoten bij overeenkomst bepalen of, en zo ja tot welk…
- Artikel 159Bij de overeenkomst kan worden bedongen dat zij niet bij rechterlijke uitspraak zal kunnen worden gewijzigd op grond…
- Artikel 160Een verplichting van een gewezen echtgenoot om uit hoofde van echtscheiding levensonderhoud te verschaffen aan de…
- Artikel 163De echtscheiding komt tot stand door de inschrijving van de beschikking in de registers van de burgerlijke stand.
- Artikel 164Indien een tussen de echtgenoten bestaande gemeenschap van goederen door één van hen is benadeeld doordat hij na de…
- Artikel 165Op verzoek van een echtgenoot kan de rechter bij de echtscheidingsbeschikking of bij latere uitspraak bepalen dat, als…
- Artikel 166Indien de gescheiden echtgenoten met elkander hertrouwen, herleven alle gevolgen van het huwelijk van rechtswege, alsof…
Titel 10 Scheiding van tafel en bed en ontbinding van het huwelijk na scheiding van tafel en bed
Afdeling 1 Scheiding van tafel en bed
- Artikel 168Door scheiding van tafel en bed wordt de verplichting der echtgenoten tot samenwoning opgeheven.
- Artikel 169Scheiding van tafel en bed kan worden verzocht op dezelfde grond en op dezelfde wijze als echtscheiding.
- Artikel 173De scheiding van tafel en bed komt tot stand door inschrijving van de beschikking in het huwelijksgoederenregister…
- Artikel 174Indien een tussen de echtgenoten bestaande gemeenschap van goederen door één van hen is benadeeld doordat hij na de…
- Artikel 175Op verzoek van een echtgenoot kan de rechter bij de beschikking houdende scheiding van tafel en bed of bij latere…
- Artikel 176Een scheiding van tafel en bed eindigt van rechtswege door de verzoening van de echtgenoten;
- Artikel 177De verzoening komt tot stand door de inschrijving daarvan in het huwelijksgoederenregister, aangewezen in artikel 116.
Afdeling 2 Ontbinding van het huwelijk na scheiding van tafel en bed
- Artikel 179Ontbinding van het huwelijk van echtgenoten die van tafel en bed gescheiden zijn, wordt op verzoek van een der…
- Artikel 180Indien als gevolg van de gevraagde ontbinding van het huwelijk een bestaand vooruitzicht op uitkeringen aan de andere…
- Artikel 181Ontbinding van het huwelijk van echtgenoten die van tafel en bed gescheiden zijn, wordt op hun gemeenschappelijk…
- Artikel 182De artikelen 154, tweede lid, en 157 tot en met 160 zijn van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat de in…
- Artikel 183De ontbinding van het huwelijk komt tot stand door de inschrijving van de beschikking in de registers van de…
Titel 11 Afstamming
Afdeling 1 Algemene bepalingen
- Artikel 197Een kind, zijn ouders en hun bloedverwanten staan in familierechtelijke betrekking tot elkaar.
- Artikel 198Moeder van een kind is de vrouw uit wie het kind is geboren of die het kind heeft geadopteerd.
- Artikel 199Vader van een kind is de man:
- Artikel 199aDe in deze titel gestelde termijnen kunnen door de rechter buiten toepassing worden gelaten voor zover toepassing in de…
- Artikel 199bEen ieder heeft het recht om voor zover mogelijk te weten van welke biologische ouders men afstamt.
Afdeling 2 Ontkenning van het door huwelijk ontstane vaderschap
- Artikel 200Het in artikel 199, onderdeel a en b, bedoelde vaderschap kan, op de grond dat de man niet de biologische vader van het…
- Artikel 201Overlijdt de vader of de moeder voor de afloop van de in artikel 200, vijfde lid, gestelde termijn, dan kan een…
- Artikel 202Nadat de beschikking houdende gegrondverklaring van een ontkenning van een door huwelijk ontstaan vaderschap in kracht…
Afdeling 3 Erkenning
- Artikel 203Erkenning van een kind dat geen vader heeft kan geschieden:
- Artikel 204De erkenning is nietig, indien zij is gedaan:
- Artikel 205Een verzoek tot vernietiging van de erkenning kan, op de grond dat de erkenner niet de biologische vader van het kind…
- Artikel 206Nadat de beschikking houdende vernietiging van de erkenning in kracht van gewijsde is gegaan, wordt de erkenning geacht…
Afdeling 4 Brieven van vaderschap
- Artikel 207Indien de man die, kennis dragende van de zwangerschap van de moeder, voornemens was het kind te erkennen of vóór de…
- Artikel 208Over het verzoek om brieven van vaderschap wint de Minister van Justitie het advies in van het Gemeenschappelijk Hof…
Afdeling 5 Inroeping of betwisting van staat
- Artikel 209Iemands afstamming volgens zijn geboorteakte kan door een ander niet worden betwist, indien hij een staat…
- Artikel 210Een verzoek tot gegrondverklaring van de inroeping of betwisting van staat is niet aan verjaring onderworpen.
- Artikel 211Een verzoek tot gegrondverklaring van de inroeping van staat kan worden ingediend:
Afdeling 6 De bijzondere curator
- Artikel 212In zaken van afstamming wordt het minderjarige kind, optredende als verzoeker of belanghebbende, vertegenwoordigd door…
Titel 12 Adoptie
Afdeling 1 Adoptie in de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba
- Artikel 227Adoptie geschiedt door een uitspraak van het gerecht in eerste aanleg op verzoek van twee personen van verschillend…
- Artikel 228Voorwaarden voor adoptie zijn:
- Artikel 229Door adoptie komen de geadopteerde, de adoptiefouder en zijn bloedverwanten of de adoptiefouders en hun bloedverwanten…
- Artikel 230De adoptie heeft haar gevolgen vanaf de dag waarop de uitspraak in kracht van gewijsde is gegaan.
- Artikel 231De adoptie kan door een uitspraak van het gerecht in eerste aanleg op verzoek van de geadopteerde worden herroepen.
- Artikel 232Door herroeping van de adoptie houdt de familierechtelijke betrekking tussen de geadopteerde en zijn kinderen enerzijds…
Afdeling 2 In het Europese deel van Nederland uitgesproken adopties
- Artikel 232aaEen in het Europese deel van Nederland uitgesproken adoptie heeft in de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en…
Titel 12a Interlandelijke adoptie
Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen
- Artikel 232aIn deze Titel wordt verstaan onder:
Hoofdstuk 2 Taak en bevoegdheden van de centrale autoriteit en de vergunninghoudende instelling
- Artikel 232bOnze Minister wordt voor de openbare lichamen aangewezen als centrale autoriteit, bedoeld in artikel 6 van het verdrag.
- Artikel 232cDe centrale autoriteit is bevoegd, zo nodig ook zonder uitdrukkelijke volmacht van degene die zich met een verzoek tot…
- Artikel 232dDe centrale autoriteit verleent de voogdijraad op diens verzoek machtiging als bedoeld in de Wet opneming buitenlandse…
Hoofdstuk 3 Procedure in geval van interlandelijke adoptie door personen die hun gewone verblijfplaats in een openbaar lichaam hebben
- Artikel 232ePersonen die hun gewone verblijfplaats in een van de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius of Saba hebben en die…
- Artikel 232fHet rapport, bedoeld in artikel 15 van het verdrag, wordt door de vergunninghouder wiens bemiddeling door de…
- Artikel 232gHet rapport, bedoeld in artikel 16 van het verdrag, wordt door de vergunninghouder in ontvangst genomen.
- Artikel 232hMet het oog op de in de staat van herkomst te nemen beslissing om het kind aan de zorg van de aspirant-adoptiefouders…
- Artikel 232iDe overbrenging van het kind naar een openbaar lichaam mag slechts plaatsvinden indien de vergunninghouder van de…
- Artikel 232jDe verklaring, bedoeld in artikel 23 van het verdrag, wordt op verzoek afgegeven door de griffier van het rechterlijk…
- Artikel 232kIngeval een in de staat van herkomst in overeenstemming met het verdrag tot stand gekomen adoptie door personen die hun…
Hoofdstuk 4 Procedure in geval van interlandelijke adoptie van een kind dat zijn gewone verblijfplaats in een openbaar lichaam heeft
- Artikel 232lIn geval van interlandelijke adoptie van een kind dat zijn gewone verblijfplaats in een openbaar lichaam heeft door…
- Artikel 232mDe overbrenging van het kind naar de staat van opvang mag slechts plaatsvinden nadat een der aspirant-adoptiefouders…
Hoofdstuk 5 Toepassing Wet opneming buitenlandse kinderen ter adoptie
- Artikel 232nDe artikelen 1 tot en met 14, met uitzondering van de artikelen 7 en 10, derde lid, laatste volzin, van de voor het…
- Artikel 232oDeze Titel is eveneens van toepassing op interlandelijke adopties die niet door het verdrag worden beheerst.
Titel 13 Minderjarigheid
Afdeling 1 Algemene bepalingen
- Artikel 233Minderjarigen zijn zij, die de ouderdom van achttien jaren niet hebben bereikt en niet gehuwd zijn of gehuwd zijn…
- Artikel 234Een minderjarige is, mits hij met toestemming van zijn wettelijke vertegenwoordiger handelt, bekwaam rechtshandelingen…
Afdeling 2 Handlichting
- Artikel 235Handlichting waarbij aan een minderjarige bepaalde bevoegdheden van een meerderjarige worden toegekend, kan wanneer de…
- Artikel 236Een verleende handlichting kan door de rechter in eerste aanleg worden ingetrokken, indien de minderjarige daarvan…
- Artikel 237Een beschikking waarbij handlichting is verleend of ingetrokken, moet worden bekend gemaakt in de Staatscourant en in…
Afdeling 3 Voogdijraden
- Artikel 238Er is een voogdijraad.
- Artikel 240De voogdijraad zorgt voor, en treedt zo nodig op ten behoeve van, de minderjarigen die hun krachtens enig wettelijk…
- Artikel 241Indien de voogdijraad blijkt, dat een minderjarige niet onder het wettelijk vereiste gezag staat, of dat dit gezag niet…
- Artikel 242De voogdijraad stelt zich op de hoogte van alle gevallen, waarin maatregelen met betrekking tot het gezag over…
- Artikel 243De bestuurscolleges en ambtenaren van de burgerlijke stand verschaffen de voogdijraad alle inlichtingen, en verstrekken…
Afdeling 4 Registers betreffende het over minderjarigen uitgeoefende gezag
- Artikel 244Bij elke zittingsplaats van het gerecht in eerste aanleg berusten openbare registers, waarin aantekening gehouden wordt…
Titel 14 Het gezag over minderjarige kinderen
Afdeling 1 Algemene bepalingen
- Artikel 245Minderjarigen staan onder gezag.
- Artikel 246Onbevoegd tot het gezag zijn minderjarigen, zij die onder curatele zijn gesteld en zij wier geestvermogens zodanig zijn…
- Artikel 247Het ouderlijk gezag omvat de plicht en het recht van de ouder zijn minderjarig kind te verzorgen en op te voeden.
- Artikel 248Artikel 247, tweede lid, is van overeenkomstige toepassing op de voogd en op degene die een minderjarige verzorgt en…
- Artikel 249De minderjarige dient rekening te houden met de aan de ouder of voogd in het kader van de uitoefening van het gezag…
- Artikel 250Wanneer in aangelegenheden betreffende diens verzorging en opvoeding, dan wel het vermogen van de minderjarige, de…
Afdeling 2 Ouderlijk gezag
§ 1 Het gezamenlijk gezag van ouders binnen en buiten huwelijk en het gezag van één ouder na scheiding
- Artikel 251Gedurende hun huwelijk oefenen de ouders het gezag gezamenlijk uit.
- Artikel 252De ouders die niet met elkaar zijn gehuwd noch met elkaar gehuwd zijn geweest en die nimmer het gezag over hun…
- Artikel 253Indien gewezen echtgenoten met elkaar hertrouwen en onmiddellijk daaraan voorafgaande één der echtgenoten het gezag…
- Artikel 253aIn geval van gezamenlijke gezagsuitoefening kunnen geschillen tussen de ouders hieromtrent op verzoek van beiden of van…
§ 2 Het gezag van één ouder anders dan na scheiding
- Artikel 253bIndien ten aanzien van een kind alleen het moederschap vaststaat of indien de vader en moeder van een kind niet met…
- Artikel 253cDe tot het gezag bevoegde vader van het kind, die nimmer het gezag gezamenlijk met de moeder heeft uitgeoefend, kan de…
- Artikel 253dIndien de voorziening in het gezag over een kind als bedoeld in artikel 253b, eerste lid, komt te ontbreken, kunnen…
- Artikel 253eInwilliging van het verzoek van een der ouders, bedoeld in de artikelen 253b, 253c en 253d, heeft, indien de ander het…
- Artikel 253fNa de dood van een der ouders oefent de overlevende ouder van rechtswege het gezag over de kinderen uit, indien en voor…
- Artikel 253gIndien van de ouders diegene overlijdt die het gezag over hun minderjarige kinderen alleen uitoefent, bepaalt de…
- Artikel 253hIndien na het overlijden van één der ouders een voogd is benoemd, kan de rechter in eerste aanleg deze beslissing te…
§ 2a Gezag na meerderjarigverklaring
- Artikel 253haDe minderjarige vrouw die als degene die het gezag heeft, haar kind wenst te verzorgen en op te voeden kan, indien zij…
§ 3 Het bewind van de ouders
- Artikel 253iIn geval van gezamenlijke gezagsuitoefening voeren de ouders gezamenlijk het bewind over het vermogen van het kind en…
- Artikel 253jDe ouders of een ouder moeten het bewind over het vermogen van hun kind als goede bewindvoerders voeren.
- Artikel 253kOp het bewind van de ouders of een ouder zijn de artikelen 342, tweede lid, 344 tot en met 357 en 370 van…
- Artikel 253lElke ouder die het gezag over zijn kind uitoefent, heeft het vruchtgenot van diens vermogen.
- Artikel 253mDe ouder heeft geen vruchtgenot van het vermogen, ten aanzien waarvan bij uiterste wilsbeschikking van de erflater of…
Afdeling 3 Gemeenschappelijke bepalingen betreffende de gezagsuitoefening door de ouders en de gezagsuitoefening door één van hen
- Artikel 253nOp verzoek van de niet met elkaar gehuwde ouders of een van hen kan de rechter in eerste aanleg het gezamenlijk gezag…
- Artikel 253oBeslissingen waarbij een ouder alleen met het gezag is belast, gegeven ingevolge de paragrafen 1, 2 en 2a en artikel…
- Artikel 253pIn de gevallen waarin door de rechter het gezag wordt opgedragen aan beide ouders of aan een ouder alleen, neemt dit…
- Artikel 253qWanneer een van de ouders die gezamenlijk het gezag over hun minderjarige kinderen uitoefenen, op een der in artikel…
- Artikel 253rArtikel 253q is van overeenkomstige toepassing, indien:
- Artikel 253sIndien het kind met instemming van zijn ouders die het gezag over hem uitoefenen, gedurende ten minste een jaar door…
Afdeling 4 Ondertoezichtstelling van kinderen
- Artikel 254Indien een kind zodanig opgroeit, dat zijn zedelijke of geestelijke belangen of zijn gezondheid ernstig worden…
- Artikel 255Bij de toewijzing van het verzoek of van de vordering benoemt de rechter in eerste aanleg tevens een gezinsvoogd, die…
- Artikel 256De rechter in eerste aanleg is bevoegd te allen tijde de gezinsvoogd door een ander te vervangen.
- Artikel 257De rechter in eerste aanleg kan hangende het onderzoek het kind voorlopig onder toezicht stellen.
- Artikel 258De rechter in eerste aanleg bepaalt de duur van de ondertoezichtstelling op een termijn van ten hoogste één jaar, die…
- Artikel 259De gezinsvoogd zoekt zoveel mogelijk persoonlijk aanraking met het kind en met het gezin waartoe het behoort.
- Artikel 260Bij de verzorging en opvoeding van het onder toezicht gestelde kind moeten de ouders zich gedragen naar de aanwijzingen…
- Artikel 261De rechter in eerste aanleg kan te allen tijde bevelen dat het kind door de gezinsvoogd voor hem wordt gebracht.
- Artikel 262De rechter in eerste aanleg kan te allen tijde bevelen het kind tot onderzoek van zijn geestelijke of lichamelijke…
- Artikel 263Indien dit in het belang van de verzorging en opvoeding noodzakelijk is, kan de rechter in eerste aanleg het kind doen…
- Artikel 263aVoor zover noodzakelijk met het oog op het doel van de uithuisplaatsing van een minderjarige als bedoeld in de…
- Artikel 263bVoor de duur van de maatregel kan de rechter in eerste aanleg op verzoek van de gezinsvoogd of ambtshalve een…
- Artikel 264De kosten van de maatregelen bedoeld bij de artikelen 260, derde lid, 262 en 263 komen ten laste van de ouders, of –…
- Artikel 265Bij algemene maatregel van bestuur worden voorschriften gegeven ten aanzien van alles wat in verband met de uitvoering…
Afdeling 5 Ontheffing en ontzetting van het ouderlijk gezag
- Artikel 266Mits het belang van het kind zich daar niet tegen verzet, kan de rechter in eerste aanleg een ouder van het gezag over…
- Artikel 267Ontheffing wordt slechts uitgesproken op verzoek van de voogdijraad of op vordering van het Openbaar Ministerie.
- Artikel 268Ontheffing kan niet worden uitgesproken indien de ouder zich daartegen verzet.
- Artikel 269Indien de rechter in eerste aanleg het in het belang van het kind noodzakelijk oordeelt, kan hij een ouder van het…
- Artikel 270Ontzetting van het gezag wordt slechts uitgesproken op verzoek van de andere ouder, een van de bloed- of aanverwanten…
- Artikel 271Indien de rechter in eerste aanleg het in het belang van het kind noodzakelijk acht, kan hij een ouder wiens ontzetting…
- Artikel 272Op grond van feiten die tot ontzetting van een ouder kunnen leiden, kan het Openbaar Ministerie – indien het dit in het…
- Artikel 273De kosten die de voogdijraad maakt ten behoeve van het hem toevertrouwde kind, komen ten laste van de ouders, of – voor…
- Artikel 274Indien de ouders gezamenlijk het gezag uitoefenen, wordt na de ontheffing of ontzetting van een van hen voortaan het…
- Artikel 275Indien de andere ouder het gezag niet voortaan alleen uitoefent, benoemt de rechter een voogd over de minderjarigen.
- Artikel 276Indien de ontheven of ontzette ouder het bewind over het vermogen van zijn kind voerde, wordt hij tevens veroordeeld…
- Artikel 277Indien de rechter overtuigd is dat een minderjarige wederom aan zijn ontheven of ontzette ouder mag worden…
- Artikel 278Het verzoek, bedoeld in artikel 277, kan ook worden gedaan door de voogdijraad.
Afdeling 6 Voogdij
§ 1 Voogdij in het algemeen
- Artikel 280De voogdij begint: a.
- Artikel 281De voogdij eindigt op de dag waarop in kracht van gewijsde is gegaan de beschikking waarbij:
§ 2 Voogdij door een der ouders opgedragen
- Artikel 292Voor zover een ouder het gezag over zijn kinderen uitoefent, kan hij bij uiterste wilsbeschikking of bij uitsluitend…
- Artikel 293De door de ouder getroffen regeling heeft geen gevolg of vervalt:
§ 3 Voogdij door de rechter opgedragen
- Artikel 295De rechter in eerste aanleg benoemt een voogd over alle minderjarigen, die niet onder ouderlijk gezag staan en in wier…
- Artikel 296Is voorziening nodig in afwachting van het begin der voogdij overeenkomstig artikel 280, dan benoemt de rechter in…
- Artikel 297De rechter in eerste aanleg benoemt insgelijks een voogd, wanneer voorziening nodig is wegens:
- Artikel 298Gedurende de in de artikelen 296 en 297 bedoelde voogdij is de uitoefening van de voogdij geschorst.
- Artikel 299De rechter in eerste aanleg benoemt de voogd op verzoek van bloed- of aanverwanten van de minderjarige, de voogdijraad…
- Artikel 299aDegene die met instemming van de voogd een minderjarige in zijn gezin – anders dan uit hoofde van een…
- Artikel 301De ambtenaar van de burgerlijke stand geeft de rechter in eerste aanleg onverwijld kennis:
§ 4 Voogdij van rechtspersonen
- Artikel 302De rechter kan – mits op haar verzoek of na haar bereidverklaring – de voogdij opdragen aan een hier te lande…
- Artikel 303Voor zover de wet niet anders bepaalt, heeft de met voogdij belaste rechtspersoon dezelfde bevoegdheden en…
- Artikel 304Met de rechtspersoon zijn de bestuurders hoofdelijk en persoonlijk aansprakelijk voor iedere schade, die te wijten is…
- Artikel 305De rechtspersoon, die hem toevertrouwde minderjarigen uit huis plaatst, houdt de voogdijraad binnen wiens gebied deze…
- Artikel 306Zonder toestemming van de rechter in eerste aanleg mag een rechtspersoon een hem toevertrouwde minderjarige niet in het…
§ 5 Ontslag van de voogdij
- Artikel 322Iedere voogd kan zich van zijn bediening doen ontslaan, indien:
§ 6 Onbevoegdheid tot de voogdij
- Artikel 324Wanneer een voogd op een der in artikel 246 genoemde gronden onbevoegd is tot de voogdij, ontslaat de rechter in eerste…
§ 7 Ondertoezichtstelling van onder voogdij staande minderjarigen
- Artikel 326Kinderen die onder voogdij staan van natuurlijke personen, kunnen onder toezicht worden gesteld.
§ 8 Ontzetting van voogdij
- Artikel 327Indien de rechter in eerste aanleg dit in het belang van die minderjarigen noodzakelijk oordeelt, kan hij een voogd ten…
- Artikel 328Ontzetting van een met voogdij belaste rechtspersoon kan slechts op de in artikel 327, eerste lid, onderdelen b tot en…
- Artikel 329Ontzetting van de voogdij kan slechts worden uitgesproken op verzoek van een der bloed- of aanverwanten van de…
- Artikel 331Indien de rechter in eerste aanleg dit in het belang van de kinderen noodzakelijk acht, kan hij een voogd wiens…
- Artikel 332Op grond van feiten die tot ontzetting van de voogdij kunnen leiden, kan de officier van justitie, indien hij dit in…
- Artikel 333De kosten die de voogdijraad ten behoeve van de hem toevertrouwde minderjarige maakt, komen ten laste van de ouders, of…
- Artikel 334Indien de rechter in eerste aanleg de ontzetting uitspreekt, voorziet hij tevens in het gezag.
- Artikel 335Hij die van de voogdij over een bepaalde minderjarige is ontzet, kan niet wederom tot voogd over die minderjarige…
§ 9 Het toezicht van de voogd over de persoon van de minderjarige
- Artikel 336De voogd draagt zorg dat de minderjarige overeenkomstig diens vermogen wordt verzorgd en opgevoed.
- Artikel 336aIndien de minderjarige door een ander of anderen dan zijn voogd, als behorende tot het gezin met instemming van de…
§ 10 Het bewind van de voogd
- Artikel 337De voogd vertegenwoordigt de minderjarige in burgerlijke handelingen.
- Artikel 338De voogd zorgt dat het vermogen van de minderjarige, zoals dit bij het begin van zijn voogdij is samengesteld, zo…
- Artikel 339Wanneer de goederen van de minderjarigen een waarde van USD 14000,– niet te boven gaan, kan de voogd een door hem…
- Artikel 340De rechter in eerste aanleg kan bij gebleken noodzakelijkheid een langere termijn voor de inlevering van een…
- Artikel 341In de boedelbeschrijving of in de verklaring, bedoeld in artikel 339, moet de voogd opgeven wat hij van de minderjarige…
- Artikel 342De artikelen 338 tot en met 341 zijn van overeenkomstige toepassing wanneer de minderjarige gedurende de voogdij door…
- Artikel 343De voogd kan, onverminderd zijn aansprakelijkheid voor de door zijn slecht bewind veroorzaakte schade, voor de…
- Artikel 344Voor zover de rechter in eerste aanleg niet anders bepaalt, geeft de voogd de effecten aan toonder van de minderjarige…
- Artikel 345De voogd behoeft machtiging van de rechter in eerste aanleg om de navolgende handelingen voor rekening van de…
- Artikel 346De voogd kan geen goederen van de minderjarige kopen of huren zonder dat de rechter in eerste aanleg de te sluiten…
- Artikel 347Een in strijd met artikel 345 of 346 verrichte rechtshandeling ten name van de minderjarige is vernietigbaar;
- Artikel 348De voogd kan, zonder dat de rechter in eerste aanleg de te sluiten overeenkomst goedkeurt, geen inschuld ten laste van…
- Artikel 349Een voogd die zonder machtiging van de rechter in eerste aanleg voor de minderjarige als eiser in rechte optreedt of…
- Artikel 350De voogd draagt zorg voor een doelmatige belegging van het vermogen van de minderjarige.
- Artikel 351Wanneer het vermogen van de minderjarige of een gedeelte daarvan in een onderneming van handel, landbouw of nijverheid…
- Artikel 352Ondanks het ontbreken der vereiste machtiging zijn handelingen, door de voogd verricht in strijd met artikel 350 of…
- Artikel 353De voogd kan een de minderjarige opgekomen erfenis niet anders aanvaarden dan onder het voorrecht van…
- Artikel 354De rechter in eerste aanleg kan te allen tijde de voogd ten verhore doen oproepen.
- Artikel 355Aan een met het gezag belaste ouder of aan een ouder die alleen het bewind over het vermogen heeft en die aangifte…
- Artikel 356Aanwijzingen en machtigingen, als in deze paragraaf bedoeld, geeft de rechter in eerste aanleg slechts, indien dit hem…
- Artikel 357Indien de kosten van een ten behoeve van een minderjarige bevolen maatregel bij rechterlijke beschikking te diens laste…
- Artikel 358De voogd mag alle noodzakelijke, betamelijke en behoorlijk gerechtvaardigde uitgaven aan de minderjarige in rekening…
- Artikel 359De rechter in eerste aanleg kan te allen tijde ambtshalve aan de voogd de verplichting opleggen jaarlijks of eens in de…
- Artikel 360Bij verschil van mening omtrent de rekening kan de rechter in eerste aanleg verbetering daarvan gelasten.
- Artikel 361De periodiek door de voogd gedane rekening of een eensluidend afschrift daarvan blijft berusten ter griffie van het…
- Artikel 362De rechter in eerste aanleg kan ambtshalve de schade vaststellen die blijkens de rekening de minderjarige door slecht…
- Artikel 363De rechter in eerste aanleg kan te allen tijde bevelen dat de voogd voor zijn bewind zekerheid stelt.
- Artikel 364De door de voogd gestelde zekerheid houdt op, zodra zijn rekening en verantwoording is goedgekeurd, of zodra de…
- Artikel 365Indien de voogd in gebreke blijft:
- Artikel 366Insgelijks kan de rechter in eerste aanleg de voogdijraad ervan in kennis stellen, dat:
- Artikel 367De voogdijraad die van de rechter in eerste aanleg zodanige mededeling ontvangt, onderwerpt, na onderzoek van de…
- Artikel 369Indien minderjarigen die onder voogdij van verschillende voogden staan, goederen gemeen hebben, kan de rechter in…
- Artikel 370De rechter in eerste aanleg kan op verzoek van de voogd of ambtshalve, het vermogen van de minderjarige of een deel…
- Artikel 371De voogd is verplicht ter griffie van het gerecht in eerste aanleg kennis te geven van elke verandering in zijn…
- Artikel 371aDe griffier van het gerecht dat een voogd benoemt, doet daarvan onverwijld mededeling aan het gerecht in eerste aanleg…
§ 11 De rekening en verantwoording bij het einde van de voogdij
- Artikel 372Na het einde van zijn bewind doet de voogd daarvan onverwijld rekening en verantwoording.
- Artikel 373Deze rekening en verantwoording doet de voogd hetzij aan de meerderjarig gewordene, hetzij aan de erfgenamen van de…
- Artikel 374Bedoelde rekening en verantwoording wordt afgelegd ten overstaan van de rechter in eerste aanleg binnen wiens…
- Artikel 375Een rechtshandeling die de meerderjarig gewordene betreffende de voogdij of de voogdijrekening richt tot of verricht…
- Artikel 376Wat de minderjarige aan de voogd schuldig blijft, draagt geen rente, zolang hij niet – na het sluiten der rekening –…
- Artikel 377Elke rechtsvordering op grond van het gevoerde voogdijbewind – zowel van de zijde van de minderjarige als van die van…
Titel 15 Omgang, informatie en raadpleging
- Artikel 377aHet kind en de niet met het gezag belaste ouder hebben recht op omgang met elkaar.
- Artikel 377bDe ouder die alleen met het gezag is belast, is gehouden de andere ouder op de hoogte te stellen omtrent gewichtige…
- Artikel 377cOnverminderd artikel 377b wordt de niet met het gezag belaste ouder desgevraagd door derden die beroepshalve beschikken…
- Artikel 377dOnverminderd het tweede lid begint de uitoefening van het recht op omgang zodra de desbetreffende beschikking in kracht…
- Artikel 377eDe rechter in eerste aanleg kan op verzoek van de ouders of van een van hen een beslissing inzake de omgang alsmede een…
- Artikel 377fOnverminderd artikel 377a kan de rechter op verzoek een omgangsregeling vaststellen tussen het kind en degene die in…
- Artikel 377gDe rechter kan, indien hem blijkt dat de minderjarige van twaalf jaar of ouder hierop prijs stelt, ambtshalve een…
- Artikel 377hIn geval van gezamenlijke gezagsuitoefening kan de rechter op verzoek van de ouders of een van hen een regeling…
Titel 15a De centrale autoriteit en burgerrechtelijke aspecten van internationale kinderontvoering
Afdeling 1 Algemene bepalingen
- Artikel 377iIn deze Titel wordt verstaan onder a.
- Artikel 377jDeze wet regelt de incorporatie van de in artikel 377i vermelde verdragen en is tevens van toepassing in de gevallen…
- Artikel 377kDeze wet is van toepassing op internationale ontvoering van kinderen die de leeftijd van zestien jaren nog niet hebben…
Afdeling 2 Taak en bevoegdheden van de centrale autoriteit
- Artikel 377lOnze Minister van Justitie wijst bij in de Staatscourant openbaar te maken besluit de onder zijn ministerie…
- Artikel 377mDe centrale autoriteit is bevoegd, zo nodig ook zonder uitdrukkelijke volmacht van degene die zich met een verzoek tot…
- Artikel 377nIndien de centrale autoriteit besluit om een verzoek tot teruggeleiding van een kind niet in behandeling te nemen of de…
- Artikel 377oDe centrale autoriteit kan de uitvoering van bepaalde handelingen overeenkomstig door haar te geven aanwijzingen…
- Artikel 377pDe gezaghebber en de ambtenaren van de burgerlijke stand verschaffen de centrale autoriteit kosteloos alle inlichtingen…
- Artikel 377qIndien de centrale autoriteit voor het vinden van de verblijfplaats van een kind in een openbaar lichaam medewerking…
- Artikel 377rDe centrale autoriteit stelt de persoon bij wie het ontvoerde kind verblijft bij aangetekende brief in kennis van het…
Afdeling 3 Rechtspleging in verband met internationale ontvoering van kinderen en het omgangsrecht
- Artikel 377sHet Gerecht in eerste aanleg is, onverminderd de bevoegdheid van de rechter in kort geding, bevoegd tot kennisneming…
- Artikel 377tDe in artikel 377s bedoelde zaken worden ingeleid met een verzoekschrift.
- Artikel 377uDe gedwongen afgifte van een internationaal ontvoerd kind aan degene aan wie het gezag daarover toekomt en de…
- Artikel 377vIeder die in een openbaar lichaam het gezag uitoefent over een kind kan de rechter verzoeken, de in het tweede lid…
- Artikel 377wDe rechter die moet beslissen met betrekking tot het gezag over een kind ten aanzien waarvan een verzoek tot…
- Artikel 377xIeder die in verband met de toepassing van een verdrag als bedoeld in artikel 377i van dit Boek of in verband met de…
- Artikel 377yBij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen nadere regels worden gegeven over de uitvoering of toepassing…
Titel 15b Ouderlijke verantwoordelijkheid en maatregelen ter bescherming van kinderen
Afdeling 1 Algemene bepalingen
- Artikel 377aaIn deze Titel wordt verstaan onder:
- Artikel 377bbDe afdelingen 1, 2, 4, 6 en 7 zijn mede van toepassing op internationale kwesties van ouderlijke verantwoordelijkheid…
- Artikel 377ccOnverminderd het bepaalde in artikel 4 van het op 25 oktober 1980 te ’s-Gravenhage tot stand gekomen verdrag inzake de…
Afdeling 2 Taak en bevoegdheden van de centrale autoriteit
- Artikel 377ddOnze Minister wordt voor de openbare lichamen aangewezen als centrale autoriteit, bedoeld in artikel 29 van het verdrag.
- Artikel 377eeDe centrale autoriteit is bevoegd, zo nodig ook zonder uitdrukkelijke volmacht van degene die zich met een verzoek tot…
- Artikel 377ffDe centrale autoriteit kan de uitvoering van bepaalde handelingen overeenkomstig door haar te geven aanwijzingen…
- Artikel 377ggDe gezaghebber en de ambtenaren van de burgerlijke stand verschaffen de centrale autoriteit kosteloos alle inlichtingen…
- Artikel 377hhIndien de centrale autoriteit voor het vinden van de verblijfplaats van een kind in een openbaar lichaam medewerking…
Afdeling 3 Procedure in geval van plaatsing van een kind vanuit een openbaar lichaam in een andere staat en in geval van plaatsing van een kind vanuit een andere staat in een openbaar lichaam
- Artikel 377iiDe beslissing tot plaatsing van, of tot verstrekking van zorg aan een uit een openbaar lichaam afkomstig kind in een…
- Artikel 377jjIn geval van plaatsing van een kind vanuit een andere staat in een openbaar lichaam of verstrekking van zorg aan een…
- Artikel 377kkIndien de voorschriften van artikel 377jj van dit Boek niet in acht zijn genomen, kan de officier van justitie of de…
Afdeling 4 Rechtspleging ter zake van ouderlijke verantwoordelijkheid en maatregelen ter bescherming van kinderen
- Artikel 377llTegen een besluit van Onze Minister is bezwaar mogelijk overeenkomstig de Wet administratieve rechtspraak BES.
- Artikel 377mmDe zaken tot kennisneming waarvan het Gerecht in eerste aanleg op grond van artikel 377ll van dit Boek bevoegd is…
- Artikel 377nnArtikel 377v van dit Boek is van overeenkomstige toepassing in gevallen die door het verdrag of deze Titel worden…
Afdeling 5 Erkenning, niet-erkenning en tenuitvoerlegging van beslissingen op grond van het verdrag
- Artikel 377ooDe voorzieningenrechter van het Gerecht in eerste aanleg is bevoegd tot kennisneming van alle verzoeken die betrekking…
- Artikel 377ppDe voorzieningenrechter bij wie een verzoek als bedoeld in artikel 377oo van dit Boek, eerste lid, is ingediend, doet…
- Artikel 377qqHet Gerecht in eerste aanleg neemt kennis van het hoger beroep van een beschikking als bedoeld in artikel 377pp, eerste…
Afdeling 6 Internationale samenwerking van gerechten
- Artikel 377rrHet Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba kiest…
Afdeling 7 Verklaring inzake ouderlijke verantwoordelijkheid
- Artikel 377ssTot de afgifte van een verklaring als bedoeld in artikel 40 van het verdrag is bevoegd de notaris.
Titel 16 Curatele
- Artikel 378Een meerderjarige kan door de rechter in eerste aanleg onder curatele worden gesteld:
- Artikel 379De curatele kan worden verzocht door de betrokken persoon, zijn echtgenoot of andere levensgezel, zijn bloedverwanten…
- Artikel 380De rechter voor wie het verzoek tot ondercuratelestelling aanhangig is of laatstelijk aanhangig was, kan, desverzocht…
- Artikel 381De curatele werkt met ingang van de dag waarop zij is uitgesproken.
- Artikel 382Hij die onder curatele staat mag geen familierechtelijke handelingen verrichten zonder toestemming van de rechter in…
- Artikel 383De rechter benoemt bij het uitspreken van de curatele of, indien hij zich nog niet voldoende voorgelicht acht, zo…
- Artikel 384Indien een beschikking waarbij curatele is uitgesproken, in hoger beroep of cassatie wordt vernietigd en het verzoek…
- Artikel 385Behoudens het in de artikelen 383 en 384 bepaalde vinden de artikelen 250, 280, onderdeel b, 281, eerste lid, onderdeel…
- Artikel 386Op het bewind van de curator zijn de omtrent het bewind van de voogd gegeven voorschriften van overeenkomstige…
- Artikel 387De rechter in eerste aanleg heeft mede het vermogen om de persoon die uit hoofde van gewoonte van drankmisbruik dan wel…
- Artikel 388Het verzoek tot vastzetting kan aan de rechter in eerste aanleg worden gedaan door de betrokken persoon, zijn…
- Artikel 389De curatele eindigt wanneer bij in kracht van gewijsde gegane rechterlijke uitspraak is vastgesteld dat de oorzaken die…
- Artikel 390Alle uitspraken waarbij een curatele wordt verleend of opgeheven, een provisioneel bewind wordt ingesteld of een…
- Artikel 391Ter griffie van de rechtbank Den Haag berusten openbare registers, waarin aantekening wordt gehouden van rechtsfeiten…
Titel 17 Levensonderhoud
Afdeling 1 Algemene bepalingen
- Artikel 392Tot het verstrekken van levensonderhoud zijn op grond van bloed- of aanverwantschap gehouden:
- Artikel 394De verwekker van een kind dat alleen een moeder heeft, alsmede de man die als levensgezel van de moeder ingestemd heeft…
- Artikel 395Een stiefouder is, onverminderd artikel 395a, alleen verplicht gedurende zijn huwelijk levensonderhoud te verstrekken…
- Artikel 395aOuders zijn verplicht te voorzien in de kosten van levensonderhoud en studie van hun meerderjarige kinderen die de…
- Artikel 395bHeeft de rechter het bedrag bepaald dat een ouder of stiefouder dan wel, overeenkomstig artikel 394, de verwekker of de…
- Artikel 396De verplichting van behuwdkinderen en van schoonouders tot het verstrekken van onderhoud vervalt wanneer het huwelijk…
- Artikel 397Bij de bepaling van het volgens de wet door bloed- en aanverwanten verschuldigde bedrag voor levensonderhoud wordt…
- Artikel 398Wanneer hij die tot levensonderhoud verplicht is, buiten staat is het daartoe vereiste geld op te brengen, kan de…
- Artikel 399De rechter kan de verplichting van bloed- en aanverwanten tot levensonderhoud matigen op grond van zodanige gedragingen…
- Artikel 400Indien een persoon verplicht is levensonderhoud te verstrekken aan twee of meer personen, en zijn draagkracht…
- Artikel 401Een rechterlijke uitspraak of een overeenkomst betreffende levensonderhoud kan bij latere rechterlijke uitspraak worden…
- Artikel 402De rechter die het bedrag van een uitkering tot levensonderhoud bepaalt, wijzigt of intrekt, stelt tevens de dag vast…
- Artikel 402aDe bij rechterlijke uitspraak of bij overeenkomst vastgestelde bedragen voor levensonderhoud worden jaarlijks van…
- Artikel 403Geen uitkering is verschuldigd over de tijd die op het tijdstip van het indienen van het verzoek reeds meer dan vijf…
Afdeling 2 Voorziening in de kosten van verzorging en opvoeding van minderjarige kinderen en stiefkinderen
- Artikel 404Ouders zijn verplicht naar draagkracht te voorzien in de kosten van verzorging en opvoeding van hun minderjarige…
- Artikel 406Komt een ouder of stiefouder zijn verplichting tot voorziening in de kosten van verzorging en opvoeding niet of niet…
- Artikel 406aEen op artikel 394 gegrond verzoek kan ten behoeve van een minderjarig kind door hem die het gezag over het kind heeft…
- Artikel 406bDe erfgenamen van de in artikel 394 bedoelde verwekker of van de man die in artikel 394 daarmee is gelijkgesteld…
- Artikel 406cBij iedere beschikking, waarbij:
- Artikel 407Wijziging van het bedrag van een periodieke uitkering tot voorziening in de kosten van verzorging en opvoeding kan…
- Artikel 408Een periodieke uitkering of som ineens tot voorziening in de kosten van verzorging en opvoeding waarvan het bedrag door…
Afdeling 3 Kosten van bevalling
- Artikel 408aDe verwekker van een kind – zelfs al was het dood geboren – is verplicht om aan de moeder van het kind de kosten van…
Afdeling 4 Uitkering tot levensonderhoud na beëindiging van een langdurige buitenhuwelijkse samenleving anders dan door de dood
- Artikel 408bHebben twee personen langdurig samengeleefd als waren zij gehuwd en is aan deze samenleving anders dan door de dood een…
Titel 18 Afwezigheid, vermissing en vaststelling van overlijden in bepaalde gevallen
Afdeling 1 Onderbewindstelling in geval van afwezigheid
- Artikel 409Indien iemand die zijn woonplaats heeft verlaten niet voldoende orde op het bestuur van zijn goederen heeft gesteld, en…
- Artikel 410Voor zover de rechter in eerste aanleg niet anders bepaalt, vinden op het bewind van de bewindvoerder de artikelen 338…
- Artikel 411Het bewind eindigt: a.
Afdeling 2 Personen wier bestaan onzeker is
- Artikel 412Wanneer aan een persoon wiens bestaan onzeker is een erfdeel of een legaat opkomt, waartoe, indien hij niet in leven…
- Artikel 413Is het bestaan van een persoon onzeker en is de in het tweede lid aangegeven tijdruimte verlopen, dan kunnen…
- Artikel 414De rechter in eerste aanleg stelt dag en uur vast waartegen de vermiste moet worden opgeroepen.
- Artikel 416Geen hogere voorziening is toegelaten tegen beschikkingen, houdende bevel tot oproeping van de vermiste.
- Artikel 417Zodra de beschikking, houdende verklaring dat er rechtsvermoeden van overlijden bestaat, in kracht van gewijsde is…
- Artikel 418Erfgenamen en legatarissen van hem die vermoedelijk overleden is verklaard, zijn verplicht alvorens zij de goederen der…
- Artikel 419De akte waarbij zekerheid is gesteld, de boedelbeschrijving en de akte van verdeling moeten in origineel of in…
- Artikel 420Wanneer het aan de rechter in eerste aanleg blijkt dat een erfgenaam of legataris de hem in de artikelen 418 en 419…
- Artikel 421Hetgeen in de artikelen 418 tot en met 420 is bepaald omtrent erfgenamen die goederen uit de nalatenschap ontvangen, is…
- Artikel 422Wanneer de vermiste terugkeert, of wanneer blijkt dat de dag van overlijden in de akte van overlijden onjuist is…
- Artikel 423Indien binnen vijf jaar na de dag waarop de akte van overlijden overeenkomstig artikel 417 is opgemaakt, wordt bewezen…
Afdeling 3 Vaststelling van overlijden in bepaalde gevallen
- Artikel 426Indien het lichaam van een vermist persoon niet is kunnen worden teruggevonden doch, alle omstandigheden in aanmerking…
- Artikel 427De beschikking, houdende verklaring dat de in artikel 426 bedoelde persoon is overleden, noemt de dag en zo mogelijk…
- Artikel 429De griffier van het college waarvoor de zaak laatstelijk aanhangig was, zendt een afschrift van de beschikking, zodra…
- Artikel 430De akten, opgemaakt volgens artikel 429, gelden als akten van overlijden in de zin van artikel 19f, eerste lid.
Titel 19 Onderbewindstelling ter bescherming van meerderjarigen
- Artikel 431Indien een meerderjarige als gevolg van zijn lichamelijke of geestelijke toestand tijdelijk of duurzaam niet in staat…
- Artikel 432Instelling van het bewind kan worden verzocht door de rechthebbende, zijn echtgenoot of andere levensgezel, zijn…
- Artikel 433Tenzij bij de onderbewindstelling anders is bepaald, omvat het bewind ook de goederen die geacht moeten worden in de…
- Artikel 434In beschikkingen als bedoeld in de artikelen 432 en 433, tweede lid, bepaalt de rechter ambtshalve welke goederen onder…
- Artikel 435De rechter die het bewind instelt, benoemt daarbij of zo spoedig mogelijk daarna een bewindvoerder.
- Artikel 436De bewindvoerder is verplicht zo spoedig mogelijk een beschrijving van de aan het bewind onderworpen goederen op te…
- Artikel 437De rechter kan twee of meer bewindvoerders benoemen, indien hij dit in het belang van een goed bewind nodig acht.
- Artikel 438Tijdens het bewind komt het beheer over de onder bewind staande goederen niet toe aan de rechthebbende, maar aan de…
- Artikel 439Indien een rechtshandeling ongeldig is omdat zij ondanks het bewind werd verricht door of gericht tot de rechthebbende…
- Artikel 440Gedurende het bewind kunnen schulden die voortspruiten uit een handeling, tijdens het bewind met of jegens de…
- Artikel 441Tijdens het bewind vertegenwoordigt de bewindvoerder bij de vervulling van zijn taak de rechthebbende in en buiten…
- Artikel 442Heeft iemand als bewindvoerder een rechtshandeling verricht, dan richten de rechten en verplichtingen van de…
- Artikel 443De bewindvoerder kan alvorens in rechte op te treden, zich te zijner verantwoording doen machtigen door de…
- Artikel 444Een bewindvoerder is jegens de rechthebbende aansprakelijk, indien hij in de zorg van een goed bewindvoerder te kort…
- Artikel 445De bewindvoerder legt, tenzij andere tijdstippen zijn bepaald, jaarlijks en aan het einde van het bewind rekening en…
- Artikel 446Voor zover de rechter in eerste aanleg niet anders bepaalt, wordt bij het afleggen van de periodieke rekening en…
- Artikel 447Tenzij de beloning bij de instelling van het bewind anders is geregeld, komt de bewindvoerder of, wanneer er meer…
- Artikel 448De taak van de bewindvoerder eindigt:
- Artikel 449Het bewind eindigt door het verstrijken van de tijdsduur waarvoor het is ingesteld, en door de dood of…
Titel 20 Mentorschap ten behoeve van meerderjarigen
- Artikel 450Indien een meerderjarige als gevolg van zijn geestelijke of lichamelijke toestand tijdelijk of duurzaam niet in staat…
- Artikel 451Het mentorschap kan worden verzocht door de betrokken persoon, zijn echtgenoot of andere levensgezel, zijn…
- Artikel 452De rechter die het mentorschap instelt, benoemt daarbij of zo spoedig mogelijk daarna een mentor.
- Artikel 453Tenzij uit wet of verdrag anders voortvloeit, is de betrokkene tijdens het mentorschap onbevoegd rechtshandelingen te…
- Artikel 453aIndien de rechter dit noodzakelijk acht, beslist hij tevens dat artikel 246 van overeenkomstige toepassing is.
- Artikel 454De mentor is gehouden degene ten behoeve van wie het mentorschap is ingesteld zo veel mogelijk bij de vervulling van…
- Artikel 455Degene ten behoeve van wie het mentorschap is ingesteld, is, onverminderd artikel 172 van Boek 6, aansprakelijk voor…
- Artikel 456De mentor kan alvorens in rechte op te treden, zich te zijner verantwoording doen machtigen door de betrokkene of…
- Artikel 457Een rechtshandeling verricht in strijd met artikel 453, is overeenkomstig het tweede en derde lid vernietigbaar.
- Artikel 458Voor zover een of meer van de goederen van de betrokkene onder een bewind als bedoeld in titel 19, staan, is de…
- Artikel 459De mentor doet desgevraagd van zijn werkzaamheden verslag aan de rechter in eerste aanleg.
- Artikel 460De mentor mag de bij de vervulling van zijn taak noodzakelijk gemaakte kosten aan de betrokkene in rekening brengen.
- Artikel 461De taak van de mentor eindigt:
- Artikel 462Het mentorschap eindigt door het verstrijken van de tijdsduur waarvoor het is ingesteld, en door de dood of…
Uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Omschrijvingen bij artikelen zijn redactioneel of de openingszin van het artikel. Dit is geen juridisch advies.