Huidige tekst
Artikel 3 Briefwisseling tussen de Nederlandse Regering en de Braziliaanse Regering houdende een verdrag inzake de tewerkstelling van gezinsleden van diplomaten
3 a. Het door het gezinslid verrichten van betaalde werkzaamheden in de ontvangende staat is afhankelijk van voorafgaande toestemming van de plaatselijke overheid, door middel van een verzoek door de Ambassade gericht aan de dienst protocollaire aangelegenheden van het Ministerie van Buitenlandse Zaken. Nadat is vastgesteld dat de persoon in kwestie onder de in dit Verdrag omschreven categorieën valt en nadat aan de toepasselijke binnenlandse voorschriften is voldaan, bericht de dienst protocollaire aangelegenheden aan de Ambassade officieel dat de desbetreffende persoon toestemming heeft om betaalde werkzaamheden te verrichten, onderworpen aan de in de ontvangende staat toepasselijke wetgeving. b. Het gezinslid is niet vrijgesteld van de verplichting te voldoen aan bijzondere eisen die voor het uitoefenen van bepaalde werkzaamheden gelden. De bepalingen van dit Verdrag mogen door de andere Partij niet zodanig worden uitgelegd dat deze de erkenning zouden inhouden van de titels die recht geven op de uitoefening van een bepaald beroep.