Binnenvaartwet

Huidige tekst

Artikel 22 Binnenvaartwet

Geldt sinds 1 juni 2025

  1. 1

    Overeenkomstig bindende besluiten van instellingen van de Europese Unie dan wel anderszins ter uitvoering van verdragen of bindende besluiten van volkenrechtelijke organisaties worden bij ministeriële regeling regels gesteld voor bij algemene maatregel van bestuur aan te wijzen categorieën van schepen met betrekking tot de vaartijden en bemanningssterkte, de uitrustingsstukken van binnenschepen en de hiermee verband houdende eisen.

  2. 2

    In het belang van de veiligheid van de vaart kan de regeling, bedoeld in het eerste lid, aanvullende regels bevatten inzake: a.de vaartijden van schepen; b.de samenstelling van de minimumbemanning van in die regeling aan te wijzen soorten schepen en categorieën daarvan en bij te onderscheiden exploitatiewijzen, alsmede de aan bemanningsleden te stellen eisen; c.eisen aan de deskundigheid van bemanningsleden, waaronder begrepen opleiding en ervaring; d.de rusttijden van de bemanningsleden.

  3. 3

    Indien de regeling, bedoeld in het eerste lid, uitsluitend betrekking heeft op de wateren, bedoeld in artikel 4, eerste lid, van de Herziene Rijnvaartakte, kan Onze Minister voor de overige binnenwateren regels stellen met betrekking tot de in het eerste lid genoemde onderwerpen.

  4. 4

    Onze Minister kan, indien naar zijn oordeel de veilige vaart voldoende gewaarborgd is, met betrekking tot bepaalde categorieën van schepen vrijstelling verlenen van een of meer eisen, bedoeld in het eerste tot en met derde lid. Aan een vrijstelling kunnen voorschriften of beperkingen worden verbonden.

  5. 5

    Onze Minister kan ontheffing verlenen van de krachtens het eerste tot en met derde lid gestelde eisen. Aan de ontheffing kunnen voorschriften of beperkingen worden verbonden.

  6. 6

    Onze Minister kan een krachtens het vijfde lid verleende ontheffing intrekken, indien de aldaar bedoelde voorschriften niet worden nageleefd.

  7. 7

    De gezagvoerder of de werkgever zijn verplicht tot naleving van: a.het bepaalde krachtens het eerste en tweede lid, onderdelen a tot en met c; b.het tot hen gerichte krachtens het tweede lid, onderdeel d, bepaalde; en c.de krachtens het vierde of vijfde lid, aan een vrijstelling of ontheffing verbonden voorschriften.

  8. 8

    Een bemanningslid is verplicht tot naleving van: a.het tot hem gerichte krachtens het eerste en tweede lid, onderdelen a en d, bepaalde; en b.de tot hem gerichte krachtens het vierde of vijfde lid, aan een vrijstelling of ontheffing verbonden voorschriften.

  9. 9

    Het is verboden te handelen in strijd met dit artikel.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2013:BZ9948Parket bij de Hoge Raad, 14 mei 2013 (strafrecht)

    Economische zaak. Conclusie AG over art. 1.2 Sr. HR: 81.1 RO.

  • ECLI:NL:RBGEL:2026:7116Rechtbank Gelderland, 17 september 2026 (bestuursprocesrecht)

    Deze uitspraak gaat over de aan eiseres opgelegde bestuurlijke boete van € 1.500, wegens het overschrijden van de vaartijd in de exploitatiewijze A1. De rechtbank komt in deze uitspraak tot het…

  • ECLI:NL:RVS:2026:1236Raad van State, 4 maart 2026 (bestuursrecht)

    Bij besluit van 30 juni 2022 heeft de minister van Infrastructuur en Waterstaat een bestuurlijke boete aan [appellante] opgelegd voor het varen met een bemanningstekort. Op 4 februari 2022 heeft een…

  • ECLI:NL:RVS:2025:5495Raad van State, 12 november 2025 (bestuursrecht)

    Bij besluit van 19 juli 2022 heeft de minister van Infrastructuur en Waterstaat aan [appellant] een bestuurlijke boete opgelegd van € 2.500,00. [appellant] bezit het motorvrachtschip [naam] met…

  • ECLI:NL:RBROT:2025:4009Rechtbank Rotterdam, 26 maart 2025 (bestuursrecht)

    Boete ; Binnenvaartwet; boete voor het overschrijden van de maximale vaartijd en een boete voor het varen met onvoldoende bemanning; redelijke termijn.

  • ECLI:NL:RVS:2024:5171Raad van State, 18 december 2024 (bestuursrecht)

    Bij besluit van 14 mei 2020 heeft de minister van Infrastructuur en Waterstaat aan de rederij een bestuurlijke boete opgelegd van € 3.000,00. De rederij biedt logistieke en maritieme diensten voor…

  • ECLI:NL:RBROT:2022:11315Rechtbank Rotterdam, 23 december 2022 (bestuursrecht)

    Varia. Niet voldaan aan minimumbemanning. Uitzonderingen nvt. Boete voor werkgever. Niet aannemelijk dat schipper gezag heeft ondermijnd. Verklaring schipper buiten beschouwing ivm strijd met goede…

  • ECLI:NL:RVS:2022:2638Raad van State, 7 september 2022 (bestuursrecht)

    Bij besluit van 2 januari 2019 heeft de minister van Infrastructuur en Waterstaat aan [appellant] een boete opgelegd van € 1.500,- voor overtreding van de Binnenvaartwet. Op 14 november 2018 hebben…

23 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.