Besluit vorderen gegevens telecommunicatie

Bvorgt

Huidige tekst

Artikel 2 Bvorgt

Geldt sinds 1 februari 2007

De volgende gegevens worden aangewezen als gegevens in de zin van artikel 126n, eerste lid, tweede volzin, artikel 126u, eerste lid, tweede volzin, en artikel 126zh, eerste lid, tweede volzin, van het Wetboek van Strafvordering: a.de naam, het adres en de woonplaats van de gebruiker; b.de nummers van de gebruiker; c.de naam, het adres, de woonplaats en het nummer van de natuurlijke persoon of rechtspersoon met wie de gebruiker verbinding heeft, heeft gehad of heeft getracht tot stand te brengen, of van de natuurlijke persoon of rechtspersoon die heeft getracht met de gebruiker verbinding tot stand te brengen; d.de datum en het tijdstip waarop de verbinding met de gebruiker tot stand is gebracht en beëindigd en de duur van de verbinding, dan wel, ingeval er geen verbinding tot stand is gekomen, de datum en het tijdstip waarop is getracht verbinding met de gebruiker tot stand te brengen, alsmede de afwijking van dit tijdstip van de wettelijke tijd, bedoeld in artikel 1, eerste lid, van de wet van 16 juli 1958 tot nadere regeling van de wettelijke tijd (Stb. 352); e.de locatiegegevens van het netwerkaansluitpunt dan wel gegevens betreffende de geografische positie van de randapparatuur van een gebruiker ingeval van een verbinding of poging daartoe; f.de nummers van de randapparatuur waarvan de gebruiker gebruik maakt of heeft gemaakt; g.de soorten diensten waarvan de gebruiker gebruik maakt of heeft gemaakt evenals de daarbij behorende gegevens; h.de naam, het adres en de woonplaats van degene die de rekening betaalt voor de openbare telecommunicatiediensten en telecommunicatienetwerken die de gebruiker ter beschikking heeft of heeft gehad, indien deze een ander is dan de gebruiker.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2021:1179Parket bij de Hoge Raad, 14 december 2021 (strafrecht)

    Conclusie AG. Vordering tot cassatie in het belang der wet naar aanleiding van het Prokuratuur-arrest van het HvJ EU. Het middel betreft de mogelijkheid van een machtiging door de rechter-commissaris…

  • ECLI:NL:PHR:2021:1180Parket bij de Hoge Raad, 14 december 2021 (strafrecht)

    Conclusie AG. Vordering tot cassatie in het belang der wet naar aanleiding van het Prokuratuur-arrest van het HvJ EU. Betreft in het bijzonder de voorwaarde dat uit verkeersgegevens ‘precieze…

  • ECLI:NL:PHR:2021:1181Parket bij de Hoge Raad, 14 december 2021 (strafrecht)

    Conclusie AG. Vordering tot cassatie in het belang der wet naar aanleiding van het Prokuratuur-arrest van het HvJ EU. Betreft in het bijzonder de reikwijdte van dat arrest en de begrenzing tot…

  • ECLI:NL:PHR:2014:623Parket bij de Hoge Raad, 8 april 2014 (strafrecht)

    Opsporingsmethode “stille sms”. Het toezenden van voor de gebruiker van de telefoon niet-waarneembare sms-berichten is als zodanig niet in een daarop toegesneden wettelijke bepaling geregeld. Voor…

  • ECLI:NL:PHR:2014:633Parket bij de Hoge Raad, 8 april 2014 (strafrecht)

    Opsporingsmethode “stille sms”. Het toezenden van voor de gebruiker van de telefoon niet-waarneembare sms-berichten is als zodanig niet in een daarop toegesneden wettelijke bepaling geregeld. Voor…

  • ECLI:NL:HR:2011:BQ1964Hoge Raad, 12 juli 2011 (strafrecht)

    Art. 126m en 126n Sv. Het Hof heeft een verweer strekkende tot bewijsuitsluiting van de inhoud van sms-berichten, omdat deze inhoud niet valt onder de vordering als bedoeld in art. 126n Sv en voor…

  • ECLI:NL:RBROT:2011:BP0012Rechtbank Rotterdam, 6 januari 2011 (bestuursrecht)

    Boete alsmede last onder dwangsom wegens het niet (onverwijld) nakomen van aftapverplichtingen. Er is niet volledig meegewerkt aan de uitvoering van emailtaps. Er is enkel inkomende e-mail en geen…

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.