Huidige tekst
Artikel 32 Besluit vervoer splijtstoffen, ertsen en radioactieve stoffen
- 1
De ondernemer onder wiens verantwoordelijkheid een radioactieve stof binnen of buiten Nederlands grondgebied wordt gebracht, doet hiervan ten minste drie weken voordat dit brengen plaatsvindt een kennisgeving aan de Autoriteit.
- 2
De in het eerste lid bedoelde verplichting geldt niet voor het brengen van de aldaar bedoelde stoffen voor zover de ondernemer kan aantonen dat hij: a.van dat vervoer reeds heeft kennisgegeven in de jaarkennisgeving, en b.een administratie bijhoudt waarin de gegevens genoemd in artikel 4d zijn opgenomen.
- 3
De in het eerste lid bedoelde verplichting geldt niet voor een kunstmatige bron, indien: a.de activiteit van de radionucliden in de betrokken radioactieve stof lager is dan de in tabel 2.2.7.2.2.1 van bijlage 1 bij de VSG vermelde grenswaarde voor de activiteit van een vrijgestelde zending, of b.de activiteitsconcentratie van die stof lager is dan de in tabel 2.2.7.2.2.1 van bijlage 1 bij de VSG vermelde waarde voor de activiteitsconcentratie voor vrijgestelde stoffen.
- 4
De in het eerste lid bedoelde verplichting geldt niet voor een natuurlijke bron, indien: a.de activiteit van de radionucliden in de betrokken natuurlijke bron lager is dan de in tabel 2.2.7.2.2.1 van bijlage 1 bij de VSG vermelde grenswaarde voor de activiteit van een vrijgestelde zending; of b.de activiteitsconcentratie van de betrokken natuurlijke bron lager is dan tienmaal de in tabel 2.2.7.2.2.1 van bijlage 1 bij de VSG vermelde genoemde waarde voor de activiteitsconcentratie voor vrijgestelde stoffen.
- 5
Het bij en krachtens artikel 3.17, tweede, derde, zesde en negende lid van het Besluit basisveiligheidsnormen stralingsbescherming bepaalde is van overeenkomstige toepassing.
- 6
De in het eerste lid bedoelde verplichting geldt niet: a.voor bij regeling van Onze Minister aangewezen handelingen die een beperkt risico van blootstelling van mensen tot gevolg hebben, of b.indien artikel 27, eerste lid, van toepassing is.