Besluit Rijksgebouwendienst 1999

Huidige tekst

Artikel 4 Besluit Rijksgebouwendienst 1999

Geldt sinds 1 januari 1999

  1. 1

    Ten aanzien van andere lichamen op het niveau van de centrale overheid dan genoemd in artikel 3, onderdeel a, die geheel of nagenoeg geheel bekostigd worden uit de collectieve middelen, heeft de dienst tot taak: a.de zorg voor de huisvesting, voorzover Onze Minister, dan wel Onze Minister in overeenstemming met Onze Minister(s) wie het mede aangaat, deze zorg aan de dienst heeft opgedragen; b.de zorg voor de huisvesting, voorzover het desbetreffende lichaam met instemming van Onze Minister, dan wel van Onze Minister in overeenstemming met Onze Minister(s) wie het mede aangaat, deze zorg aan de dienst heeft opgedragen.

  2. 2

    De dienst heeft voorts tot taak het uitbrengen van adviezen betreffende de huisvesting op verzoek van Onze Minister, dan wel van Onze Minister in overeenstemming met Onze Minister(s) wie het mede aangaat, dan wel op verzoek van provinciale of gemeentelijke overheden of andere openbare lichamen.

  3. 3

    Onze Minister geeft nadere regels omtrent de invulling van de in het eerste lid bedoelde taak.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Er zijn nog geen uitspraken aan dit artikel gekoppeld.

Zoek op deze artikelverwijzing

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.