Besluit meldingsregeling Wet Bpf 2000

Huidige tekst

Artikel 2 Besluit meldingsregeling Wet Bpf 2000

Geldt sinds 1 januari 2007

De mededeling 1 De mededeling, bedoeld in artikel 23, tweede lid, van de wet wordt schriftelijk gedaan uiterlijk veertien kalenderdagen na de dag waarop op grond van de regeling omtrent de betaling van de premies, bedoeld in artikel 26 van de Pensioenwet, dan wel op grond van de statuten en reglementen van het bedrijfstakpensioenfonds de bijdrage behoorde te zijn voldaan. 2 De mededeling ter zake van een bijdrage, die is vastgesteld vanwege de omstandigheid dat ten onrechte geen bijdrage is vastgesteld dan wel dat na de vaststelling van de bijdrage blijkt, dat een lagere bijdrage is vastgesteld dan is verschuldigd, wordt schriftelijk gedaan uiterlijk veertien kalenderdagen nadat die bijdrage behoorde te zijn voldaan. 3 Bij de mededeling wordt inzicht gegeven in de omstandigheden die ertoe hebben geleid dat de bijdrage niet kan worden betaald.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:HR:2021:1976Hoge Raad, 24 december 2021 (civiel recht)

    Pensioenrecht. Bestuurdersaansprakelijkheid. Art. 23 Wet Bpf 2000. Moet mededeling van betalingsonmacht worden gedaan als bedrijfstakpensioenfonds al op andere wijze op de hoogte is van…

  • ECLI:NL:PHR:2017:986Parket bij de Hoge Raad, 8 september 2017 (civiel recht)

    Bestuurdersaansprakelijkheid. Pensioenrecht. Bedrijfstakpensioenfonds spreekt gewezen bestuurder aan voor niet afgedragen premies (art. 23 Wet Bpf 2000). Mocht hof ervan uitgaan dat gewezen…

  • ECLI:NL:RBGEL:2025:2981Rechtbank Gelderland, 16 april 2025 (arbeidsrecht)

    Pensioen. Persoonlijke aansprakelijkheid bestuurder voor onbetaald laten pensioenpremies door vennootschap wegens het doen van een niet tijdige dan wel onjuiste melding betaiingsonmacht zoals bedoeld…

  • ECLI:NL:RBZWB:2023:2945Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 26 april 2023 (verbintenissenrecht)

    De brief van 29 februari 2020 is niet te kwalificeren als een melding als bedoeld in artikel 23 lid 2 Wet Bpf, de informatie in de brief is daarvoor te summier. Verzet tegen dwangbevel deels gegrond…

  • ECLI:NL:RBMNE:2022:5341Rechtbank Midden-Nederland, 21 december 2022 (arbeidsrecht)

    Verzet tegen dwangbevel ogv artikel 21 Wet Bpf. Eiser wordt aangemerkt als voormalig statutair bestuurder van de vennootschap maar is niet op grond van artikel 23 lid 4 Wet Bpf hoofdelijk…

  • ECLI:NL:GHAMS:2022:3534Gerechtshof Amsterdam, 13 december 2022 (civiel recht)

    Bestuurdersaansprakelijkheid ex artikel 23 Wet Bpf 2000. Geen kennelijk onbehoorlijk bestuur.

  • ECLI:NL:GHDHA:2020:1674Gerechtshof Den Haag, 15 september 2020 (civiel recht)

    Verzet dwangbevel. Bestuurder persoonlijk aansprakelijk voor pensioenpremies wegens schending mededelingsplicht betalingsonmacht vennootschap. Na premieaangifte en beslaglegging was immers duidelijk…

  • ECLI:NL:RBNNE:2019:5079Rechtbank Noord-Nederland, 10 december 2019 (civiel recht)

    Aansprakelijkheid bestuurders ex art. 23 Wet Bpf2000

23 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.