Huidige tekst
Artikel 4.10 Besluit handhaving en overige zaken Wet dieren
Inrichtingen en wijze van onderzoek 1 Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld over laboratoria waar en de wijze waarop laboratoriumanalyses, -tests, en -diagnoses plaatsvinden ten behoeve van: a.officiële controles of andere officiële activiteiten als bedoeld in artikel 2 van verordening (EU) nr. 2017/625; b.de afgifte van certificaten voor het buiten Nederland brengen van dieren of dierlijke producten; c.verrichten van onderzoek naar de aanwezigheid van ziekteverwekkers, dierziekten, zoönosen en ziekteverschijnselen; of d.het toezicht op de naleving van de bij of krachtens de Wet dieren gestelde voorschriften. 2 Een laboratorium voert laboratoriumanalyses, -tests en -diagnoses uit als bedoeld in het eerste lid, aanhef, en onder b, c of d, indien het is erkend door Onze Minister. 3 De regels, bedoeld in het eerste lid, kunnen onder meer betrekking hebben op: a.de meldingen van uitkomsten van uitgevoerde laboratoriumanalyses, -tests, en -diagnoses aan Onze Minister of een door Onze Minister aangewezen instantie; b.de monitoring van de werkzaamheden waarvoor het laboratorium is erkend; of c.het rapporteren over uitgevoerde laboratoriumanalyses, -tests, en -diagnoses aan Onze Minister. 4 Onze Minister wijst instanties aan die de monitoring, bedoeld in het derde lid, onderdeel b, uitvoeren. Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld over de uitvoering van de monitoring. 5 Bij ministeriële regeling worden regels gesteld over de gevallen waarin een erkenning wordt geschorst of ingetrokken.