Besluit georganiseerd overleg sector Defensie

Huidige tekst

Artikel 3 Besluit georganiseerd overleg sector Defensie

Geldt sinds 24 september 2010

  1. 1

    Over aangelegenheden van algemeen belang voor de rechtstoestand, met inbegrip van de algemene regels volgens welke het personeelsbeleid zal worden gevoerd, betreffende de militaire ambtenaren en de ambtenaren wordt niet beslist alvorens daarover door of namens Onze Minister overleg is gevoerd met de sectorcommissie.

  2. 2

    Onze Minister is bevoegd in afwijking van het eerste lid, de sectorcommissie gehoord, te beslissen dat bepaalde aangelegenheden van algemeen belang voor de rechtstoestand van de militaire ambtenaren of van de ambtenaren alsmede bepaalde algemene regels volgens welke het personeelsbeleid zal worden gevoerd, geen onderwerp van overleg zullen uitmaken.

  3. 3

    Een voorstel, voor zover het strekt tot het regelen van rechten of verplichtingen van individuele militaire ambtenaren of individuele ambtenaren, wordt slechts ten uitvoer gebracht indien daarover overeenstemming bestaat met de sectorcommissie. Het standpunt van de sectorcommissie wordt bepaald bij meerderheid van stemmen. Elke centrale brengt één stem uit. Indien de stemmen binnen de sectorcommissie staken, beslist de voorzitter van het overleg met de sectorcommissie of het voorstel ten uitvoer wordt gebracht.

  4. 4

    Het derde lid is niet van toepassing op een voorstel strekkende tot: a.het invoeren of wijzigen van een regeling bij of krachtens de wet, voor zover die betrekking heeft op de inrichting van de krijgsmacht, het verzekeren van de beschikbaarheid, de inzetbaarheid, de personele vulling of het ongestoorde functioneren van de krijgsmacht; b.het invoeren of wijzigen van een wettelijke regeling die betrekking heeft op alle burgers of alle werknemers, waaronder begrepen militaire ambtenaren en ambtenaren; c.het invoeren of wijzigen van een wettelijke regeling voor militaire ambtenaren of voor ambtenaren met een overeenkomstige inhoud als een voorstel tot het invoeren of wijzigen van een wettelijke regeling die betrekking heeft op werknemers die krachtens arbeidsovereenkomst als bedoeld in artikel 7:610, eerste lid, van het Burgerlijk Wetboek werkzaam zijn; d.het van toepassing verklaren op militaire ambtenaren of ambtenaren van een wettelijke regeling die betrekking heeft op werknemers die krachtens arbeidsovereenkomst als bedoeld in artikel 7:610, eerste lid, van het Burgerlijk Wetboek werkzaam zijn en tot met die van toepassing verklaring samenhangende wijzigingen in voor militaire ambtenaren of ambtenaren geldende regelingen, een en ander mits het totaal van rechten en verplichtingen van de militaire ambtenaren of de ambtenaren over het geheel beoordeeld niet ongunstiger wordt; e.de implementatie van verplichtingen voortvloeiend uit een verdrag of uit een besluit van een volkenrechtelijke organisatie;

  5. 5

    Indien in het overleg een geschil ontstaat over de vraag of bij een voorstel als bedoeld in het vierde lid onder d, voldaan wordt aan de voorwaarde dat het totaal van rechten en verplichtingen van militaire ambtenaren of ambtenaren over het geheel beoordeeld niet ongunstiger wordt, wordt dat geschil onderworpen aan arbitrage door de advies- en arbitragecommissie, bedoeld in artikel 18.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2018:836Parket bij de Hoge Raad, 25 juli 2018 (belastingrecht)

    Heden neem ik conclusie in de zaak met nummer 18/00352 naar aanleiding van het beroep in cassatie van [X2], belanghebbende, tegen de uitspraak van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 19 december…

  • ECLI:NL:PHR:2018:837Parket bij de Hoge Raad, 25 juli 2018 (belastingrecht)

    Heden neem ik conclusie in de zaak met nummer 18/00354 naar aanleiding van het beroep in cassatie van [X1], belanghebbende, tegen de uitspraak van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 19 december…

  • ECLI:NL:RBDHA:2024:8090Rechtbank Den Haag, 28 mei 2024 (ambtenarenrecht)

    Terugbetalingsverplichting voor opleidingskosten is niet in strijd met artikel 13 van de Europese Richtlijn 2019/1152. Verweerder heeft gebruik gemaakt van de uitzonderingsmogelijkheid van artikel 1…

  • ECLI:NL:RBDHA:2024:8100Rechtbank Den Haag, 28 mei 2024 (bestuursrecht)

    Terugbetalingsverplichting voor opleidingskosten is niet in strijd met artikel 13 van de Europese Richtlijn 2019/1152. Verweerder heeft gebruik gemaakt van de uitzonderingsmogelijkheid van artikel 1…

  • ECLI:NL:GHARL:2017:11195Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 19 december 2017 (belastingrecht)

    LB/PVV. Militair. Bezwaar tegen inhouding. Bevoegdheid. Belastingrechter of ambtenarenrechter?

  • ECLI:NL:RBDHA:2014:950Rechtbank Den Haag, 22 januari 2014 (ambtenarenrecht)

    Bezwaar door twee militaire ambtenaren tegen de hen toegezonden salarisstrook over januari 2013, waarmee hun inkomsten voor de maand januari 2013 zijn vastgesteld en meer in het bijzonder tegen de…

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.