Besluit ex artikel 5 Wet van 10 juli 1952, Stb. 407

Huidige tekst

Artikel 14 Besluit ex artikel 5 Wet van 10 juli 1952, Stb. 407

Geldt sinds 1 januari 1994

  1. 1

    Tot vaststelling van een schadeloosstelling wordt door of namens de rechthebbende, indien het een krachtens artikel 2 gegeven bevel betreft, binnen zes maanden na de intrekking van het bevel of, in geval van toepassing van artikel 2, tweede lid, of 6, tweede lid, binnen zes maanden na het einde van de daarin bedoelde tijdsruimte, en indien het een krachtens artikel 2 a gegeven bevel betreft, binnen drie maanden nadat aan dat bevel is voldaan, een aanvrage ingediend.

  2. 2

    Indien niet wordt voldaan aan het in het eerste lid bepaalde, wordt geacht dat met de rechthebbende ten aanzien van de schadeloosstelling geen overeenstemming is bereikt.

  3. 3

    Tot verlening van een voorschot over een kalenderkwartaal krachtens artikel 5 wordt door of namens de rechthebbende binnen een maand na afloop van het kwartaal een aanvrage ingediend.

  4. 4

    Aanvragen, welke worden ingediend na het verstrijken van de in het derde lid gestelde termijn, blijven buiten behandeling, tenzij ten genoegen van Onze betrokken Minister en van Onze Minister van Economische Zaken is aangetoond, dat de indiening redelijkerwijs niet binnen die termijn kon plaats vinden.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Er zijn nog geen uitspraken aan dit artikel gekoppeld.

Zoek op deze artikelverwijzing

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.