Besluit Buitengewoon Strafrecht

Huidige tekst

Artikel 8 Besluit Buitengewoon Strafrecht

Geldt sinds 1 januari 2002

  1. 1

    In afwijking in zooverre van het bepaalde in de artikelen 28 en 29 van het Wetboek van Strafrecht en in artikel 35 van het Wetboek van Militair Strafrecht kan ontzetting van de rechten, vermeld in artikel 28, eerste lid, onder 1°., 2°., 3° . en 4°., van eerstgenoemd Wetboek, worden uitgesproken in alle gevallen van veroordeeling wegens eenig misdrijf, in artikel 1 genoemd.

  2. 2

    Onder het bekleeden van ambten of van bepaalde ambten, als bedoeld in artikel 28, eerste lid, onder 1° van het Wetboek van Strafrecht, is voor de toepassing van dit besluit niet begrepen het verrichten van werkzaamheden krachtens indienstneming op arbeidsovereenkomst naar burgerlijk recht door of vanwege het Rijk of eenig openbaar lichaam.

  3. 3

    Zoodanige indienstneming op arbeidsovereenkomst naar burgerlijk recht geschiedt alleen in ondergeschikte en niet verantwoordelijke functies.

  4. 4

    In alle gevallen, bedoeld in het eerste lid, kan de schuldige insgelijks worden ontzet van het recht om bepaalde beroepen of groepen van beroepen uit te oefenen of bepaalde functies of groepen van functies te bekleeden, waarvoor hij naar het oordeel van den rechter de in het algemeen belang vereischte waardigheid of betrouwbaarheid mist.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Er zijn nog geen uitspraken aan dit artikel gekoppeld.

Zoek op deze artikelverwijzing

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.