Besluit boedelregister

Bbreg

Huidige tekst

Artikel 4 Bbreg

Geldt sinds 17 augustus 2015

  1. 1

    In het boedelregister worden uitsluitend in artikel 1 genoemde feiten ingeschreven die betrekking hebben op nalatenschappen van erflaters die hun laatste woonplaats hebben in het arrondissement van de desbetreffende rechtbank.

  2. 2

    De in artikel 1 onder d, g of m genoemde feiten die betrekking hebben op nalatenschappen van erflaters die hun laatste gewone verblijfplaats in een lidstaat als bedoeld in verordening (EU) nr. 650/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 4 juli 2012 betreffende de bevoegdheid, het toepasselijke recht, de erkenning en de tenuitvoerlegging van beslissingen en de aanvaarding en de tenuitvoerlegging van authentieke akten op het gebied van erfopvolging, alsmede betreffende de instelling van een Europese erfrechtverklaring (PBEU 2012, L 201) hebben, kunnen worden ingeschreven in het boedelregister gehouden in het arrondissement van de woonplaats van de erfgenaam, de wettelijke vertegenwoordiger van een erfgenaam als bedoeld in artikel 193 lid 1 van Boek 4 van het Burgerlijk Wetboek of de legataris.

  3. 3

    Kan een in artikel 1 genoemd feit niet op grond van vorenstaande leden worden ingeschreven, dan wordt het ingeschreven in het boedelregister gehouden door de griffier van de rechtbank Den Haag.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:RBLIM:2017:4414Rechtbank Limburg, 11 mei 2017 (personen- en familierecht)

    Ouder verwerpt zelf nalatenschap en vragen kantonrechter machtiging om namens hun minderjarige kinderen te mogen verwerpen, doch doet dat niet binnen de 3-maanden termijn van 4:193 BW, waardoor…

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.